AMSTERDAM - De verharding van de samenleving valt wel mee. Dat concludeert Trouw woensdag op basis van het vijfjaarlijkse onderzoek 'De staat van het recht' dat TNS Nipo in opdracht van de krant heeft uitgevoerd.

Zo is het aantal voorstanders van de doodstraf afgenomen van 41 naar 38 procent. Ook is slechts zeven procent van de ondervraagden voor het toestaan van wapens ter zelfverdediging.

Deze vragen geven volgens de Rotterdamse criminoloog Henk van de Bunt een goed beeld van de opvattingen over het strafrecht, zo zegt hij in Trouw.

Onvrede

De komst van TON en PVV hebben de gevoelens van onvrede volgens de onderzoekers gekanaliseerd. Een meerderheid voor de doodstraf is bijvoorbeeld alleen te vinden onder de aanhang van de PVV (69 procent) en TON (61 procent).

Tegenwoordig zegt 62 procent van de Nederlanders geen vertrouwen te hebben in de misdaadbestrijding. Dat is een paar procent minder dan de vorige keer dat het onderzoek werd gehouden, maar nog altijd veel.

Van de Bunt wijst erop dat ongeveer zeventig procent altijd 'ja' zal zeggen als wordt gevraagd of strenger straffen nodig is.

Vreemdelingenbeleid

Dat criminaliteit bestreden moet worden door middel van een strikter vreemdelingenbeleid, vindt 71 procent. Dat was in 1998 nog negentig procent.

Criminoloog Judith van Erp zegt in de krant dat ze het opmerkelijk vindt dat dit percentage nog steeds zo hoog is, omdat het beleid de afgelopen jaren al flink is aangescherpt. Volgens haar kan het vreemdelingenbeleid moeilijk strenger dan dat het nu al is.

Strafbaar

Verder zijn er zaken die de ondervraagden graag strafbaar gesteld zouden zien. Zo zouden bankbestuurders vervolgd moeten worden als ze onverantwoord omgaan met spaargeld van anderen, vindt 89 procent.

Dat is nu nog niet mogelijk. Rechters en politiemensen moeten worden vervolgd als ze fouten maken die leiden tot de veroordeling van een onschuldige, vindt 54 procent.