DEN HAAG - SP-Tweede Kamerlid Harry van Bommel weerspreekt dat hij zaterdag tijdens een betoging in Amsterdam heeft opgroepen tot geweld. In zijn ogen is een intifada, waar hij tijdens de mars steun aan gaf, niet per definitie gewelddadig.

''Het kan gaan om burgerlijke ongehoorzaamheid en vreedzame protesten'', zei hij zondag in een reactie op de kritiek van onder meer CIDI-directeur Ronny Naftaniel.

Ook zijn collega-Kamerleden Hans van Baalen (VVD) en Joël Voordewind (ChristenUnie) uitten kritiek op Van Bommel. Van Baalen noemt de oproep van de SP'er onaanvaardbaar. ''Wie oproept tot geweld tegen Israëlische burgers wekt weerzin en verliest zijn geloofwaardigheid als volksvertegenwoordiger'', stelt Van Baalen.

Ook Voordewind meent dat Van Bommel zich diskwalificeert door een nieuwe Palestijnse intifada te steunen, wat in zijn ogen een gewapende opstand betekent.

Van Bommel is niet onder de indruk. ''Men valt over woorden maar sluit de ogen voor gewelddaden. Ik wil graag met hen praten over woorden als ze ook met mij willen praten over de daden daar.''

Hij wijst erop dat hij in zijn toespraak in Amsterdam zowel het geweld van Israël als van de Palestijnse Hamas veroordeelde ''zoals de SP altijd doet''. Verder geef ik steun aan de protesten tegen de inval, voor zover die protesten geweldloos zijn, aldus Van Bommel.