DEN HAAG - Coalitiepartij CDA wil de regels voor het oprichten van een school aanscherpen.

Volgens CDA-Tweede Kamerlid Jan Jacob van Dijk betekent dat niet het herschrijven maar een modernisering van artikel 23 van de Grondwet, dat de vrijheid geeft een school te stichten.

"Ik wil alleen dat er voortaan bij een aanvraag voor subsidie eerst wordt gekeken of aan minimumeisen wordt voldaan: deugt het bestuur, is er een onderwijsplan, zijn er goede docenten?", aldus Van Dijk zaterdag in een interview met het AD.

Komende week bespreekt de Kamer de begroting van het ministerie van Onderwijs.

Zorgen

Van Dijk komt met zijn voorstel uit zorgen over de kwaliteit van het islamitisch onderwijs en de Iederwijsscholen. Kinderen op zwakke scholen lopen volgens hem een achterstand op die later vaak nauwelijks meer in te halen is.

Uit een inventarisatie bleek recent dat bij bijna de helft van de islamitische schoolbesturen de kwaliteit van het onderwijs zwak tot zeer zwak is. Negen op de tien besteden het geld van de overheid bovendien niet volgens de regels.

Gevoelig

Een discussie over artikel 23 ligt gevoelig in de politiek, met name bij christelijke partijen. Zij koesteren de ruimte die allerlei groepen hebben om uit eigen geloof of overtuiging een school op te richten.

Volgens CDA'er Van Dijk vraagt de huidige samenleving om "een andere lezing van dit artikel dat voor ons zo belangrijk is".

Toezicht

Coalitiegenoot PvdA wil dat nieuw opgerichte scholen de eerste jaren intensiever toezicht krijgen van de Inspectie van het Onderwijs.