NEW YORK - Zowel het regeringsleger van de Democratische Republiek Congo als de opstandelingen in het land maken zich schuldig aan moord, verkrachting en marteling.

Dat heeft de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Ban Ki-moon maandag (plaatselijke tijd) in New York gezegd, aldus de BBC.

Volgens een rapport van de VN is de kwestie van de mensenrechten in het land een bron van voortdurende zorg.

Executies

Het Congolese leger en de politie maken zich op grote schaal schuldig aan willekeurige executies, verkrachtingen en martelingen.

Maar ook de aanhangers van opstandige Tutsi-generaal Laurent Nkunda en de Rwandese Hutu-militie FDLR worden beschuldigd van schendingen van de mensenrechten. Zo maken ze zich schuldig aan het recruteren van kinderen, vernieling van vluchtelingenkampen en het aanzetten tot gedwongen verhuizingen.

FDLR

De Hutu-militie FDLR probeert vanuit Rwanda de macht in Congo te veroveren. Volgens Nkunda steunt de Congolese regering de FDLR, die in 1994 betrokken zou zijn geweest bij de genocide in Rwanda.

De Veiligheidsraad van de VN besloot vorige week 3000 extra blauwhelmen naar Congo te sturen om te voorkomen dat het conflict verder escaleert. De Veiligheidsraad veroordeelde vorige maand het offensief van Nkunda en riep op een einde te maken aan het geweld.

Het voortdurende geweld in Congo heeft geleid tot een humanitaire crisis. Meer dan 250.000 mensen zijn hun huis ontvlucht.

Democratische Republiek Congo

De regering van de Democratische Republiek Congo (RDW) heeft meer dan vijfhonderd politieke tegenstanders gedood in de afgelopen twee jaar. Dat meldde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) dinsdag.

Zeker duizend anderen zijn sinds juli 2006 achter de tralies gezet. Veel van hen zijn gemarteld, aldus de mensenrechtenorganisatie. Kabila zou hoogstpersoonlijk orders hebben gegeven de "vijanden van de democratie" te vernietigen.

Rebellen

De misstanden zouden vooral in het noordwesten en zuiden van Congo hebben plaatsgevonden, ver weg van het conflict met rebellen in het oosten van het land.

"Pogingen om een democratisch Congo op te bouwen, worden in de kiem gesmoord. Niet alleen door de rebellen, maar ook door onderdrukking door de regering van Kabila", aldus HRW.

Koenders

Minister Bert Koenders (Ontwikkelingssamenwerking) vertrekt dinsdagavond voor een werkbezoek naar het oosten van de Democratische Republiek Congo en Rwanda.

Koenders is woensdag in de Congolese stad Goma, waar hij onder meer gesprekken zal voeren met lokale autoriteiten, hulpverleners en leden van de VN-vredesmissie Monuc. Ook brengt de bewindsman een bezoek aan een vluchtelingenkamp, liet een woordvoerster dinsdag weten.

Donorconferentie

Donderdag opent de minister een donorconferentie in Kigali, de hoofdstad van buurland Rwanda. Aansluitend heeft hij een gesprek met de Rwandese president Paul Kagame over de ontwikkelingsrelatie tussen Nederland en Rwanda en de situatie in het conflictgebied in Oost-Congo.

Een meerderheid in de Tweede Kamer vindt dat Koenders geen algemene begrotingssteun aan Rwanda mag geven zolang niet duidelijk is wat de rol is van de regering bij het geweld in Congo.