HILVERSUM - De wachtcommandant die in oktober 2005 tijdens de fatale Schipholbrand de leiding had, heeft mogelijk ook een tweede brandhaard gezien. Dat zegt hij zaterdag in het radioprogramma Argos.

Met die verklaring ondersteunt hij de recente analyse die veiligheidsonderzoeker Bas van den Heuvel maakte op basis van opnames die beveiligingscamera's van het fatale vuur maakten.

Tot nu toe gingen het Openbaar Ministerie (OM) en de Onderzoeksraad voor Veiligheid ervan uit dat de brand was ontstaan in cel 11, waar een Libiër vastzat.

Van den Heuvel meent dat er echter al eerder een brand in het complex woedde. De wachtcommandant bevestigt dat nu.

Rook en vuur

De betrokken wachtcommandant, Melvin Deira, zegt in Argos dat hij na de melding van de brand direct is gaan kijken.

"In de buurt van cel 11 zag ik rook en vuur onder het dak, vanuit de schilruimte. Dat is de ruimte tussen het plafond van de cel en het dak van het gebouw. Daar ben ik heel zeker van, ik heb dat met mijn blote ogen gezien.''

Een kwartier vóór de brand was er een eerdere brandmelding op de betrokken K-vleugel. Die werd afgedaan als vals alarm.

Niet opgemerkt

Volgens Deira is het mogelijk dat die melding het gevolg was van de brand in de schilruimte, die de bewaarders niet hebben opgemerkt. "Het kan dat de brand al in de schilruimte woedde maar van binnenuit nog niet te zien en te ruiken was.''

Deira zegt dat hij zijn bevindingen bij herhaling aan zowel de Onderzoeksraad als de politie heeft gemeld.

De Libiër Ahmed Al J. is tot drie jaar cel veroordeeld wegens brandstichting. Zijn zaak loopt nog in hoger beroep.