UTRECHT - Verschillende opvattingen over misdaad zijn niet de oorzaak van de oververtegenwoordiging van allochtone jongeren in de criminaliteitscijfers. Dat blijkt uit onderzoek van Madeleine de Boer.

Zij promoveerde vrijdag op dit onderwerp aan de Universiteit Utrecht.

Steeds vaker wordt jeugdcriminaliteit in verband gebracht met de etnische afkomst van de dader. De Boer deed onderzoek naar de opvattingen die jongeren over misdaad hebben.

Zij betrok daarbij ruim duizend vmbo-leerlingen in de Randstad, van allochtone en autochtone afkomst. Daaruit blijkt nu dat Marokkaanse, Turkse, Antilliaanse, Surinaamse en Nederlandse jongeren dezelfde ideeën hebben over diefstal, geweld en straf.

Uitzondering

De Boer vroeg de jongeren onder meer of het verkeerd is een keertje iets te stelen, of geweld soms moet kunnen en hoe zwaar de straf moet zijn voor bepaalde geweldsdelicten. Op de uitkomst van het onderzoek is één uitzondering te noemen.

De Boer: "Turkse jongeren hebben duidelijk andere opvattingen over eergerelateerd geweld en de bestraffing daarvan. Deze kunnen mede de oververtegenwoordiging verklaren van Turken in Nederland die een straf uitzitten wegens geweldsdelicten binnen de eigen gemeenschap."