AMSTERDAM - Een kwart van de politiemensen die in de afgelopen drie jaar betrokken was bij vuurwapengebruik waarbij letsel werd veroorzaakt, voldeed niet aan de wettelijke eisen van geoefendheid. Een politieambtenaar is in zo'n geval formeel niet bevoegd zijn pistool te gebruiken.

Het gaat om één dodelijk schot, vijf met ernstige verwondingen tot gevolg en negen met gering letsel. Dit blijkt uit een onderzoek van het Centrum voor Politiewetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam.

De politievakorganisatie ACP toont zich geschokt en dringt aan op betere trainingen en toetsing van vuurwapengebruik. In de drie onderzoeksjaren vielen vijftien doden door politiegeweld, van wie elf door een kogel uit een dienstpistool. Er werden 129 mensen ernstig gewond door politiegeweld, waarvan 30 procent door het gebruik van een vuurwapen.

Geweldaanwendingen

In de helft van alle gevallen blijkt overigens de diensthond verantwoordelijk voor opgelopen verwondingen. Van de politiemensen die betrokken waren bij zogenoemde geweldaanwendingen, rapporteerde 4 procent letsel te hebben opgelopen.

Het aantal burgers dat door politiegeweld letsel oploopt, neemt niet toe sinds 1978. Hoewel er schommelingen per jaar voorkomen, is het gemiddelde de afgelopen 23 jaar gelijk gebleven. De onderzoekers pleiten voor een jaarverslag voor politieregio's waarin verplicht alle geweldsmeldingen worden geregistreerd en verantwoord.

Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van de ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken.