DEN HAAG - Turkse, Marokkaanse en Antilliaanse allochtonen lopen hun achterstand op autochtone Nederlanders in. Ze zijn steeds vaker aan het werk, zitten vaker op school en hun inkomen is gestegen.

Dat concludeert het Centraal Bureau voor de statistiek (CBS) donderdag in het Jaarrapport integratie.

Hoewel allochtonen met een lage opleiding nog steeds veel vaker werkloos zijn, hebben allochtonen met een goed diploma net zo vaak een baan als hoogopgeleiden met een Nederlandse achtergrond. Verder doen vooral allochtone meisjes het goed op school.

Arbeidsmarkt

Mede daarom loopt de "tweede generatie de achterstand op de arbeidsmarkt veel sneller in dan de eerste generatie", aldus het CBS. De economische neergang kan binnenkort echter roet in het eten gooien.

Omdat veel allochtonen geen vast contract hebben, komen zij bij een slechte economie sneller zonder werk te zitten.

Net als minister Ella Vogelaar voor Integratie belicht het CBS echter ook de problemen met integratie van allochtonen. Uit de cijfers blijkt dat de criminaliteit onder vooral Marokkaanse en Antilliaanse jongens enorm hoog is.

Criminaliteit

Vooral Marokkanen en Antillianen zorgen ervoor dat allochtone mannen drie keer zo vaak crimineel zijn dan autochtone mannen. Zorgwekkend is dat zij daarmee op jonge leeftijd beginnen en nauwelijks op het rechte pad komen.

"Onder jeugdige Marokkanen is de kans om in herhaling te vervallen het grootst. Van deze groep komt 89 procent binnen tien jaar opnieuw met de politie in aanraking. Bij autochtonen is dit het geval bij 65 procent", aldus het CBS.

Vogelaar

Volgens minister Vogelaar komt dat door de straatcultuur waarin veel Marokkaanse en Antilliaanse jongeren terechtkomen. Door het falen op school keren zij zich af van de Nederlandse maatschappij terwijl zij ook niet kunnen terugvallen op de waarden en normen van de Marokkaanse gemeenschap.

Bovendien accepteren veel Marokkaanse ouders geen hulp van buitenaf. Het kabinet werkt daarom aan maatregelen om hen te dwingen hulpverleners van de overheid toe te laten.