WASHINGTON - Amerikaanse strijdkrachten hebben Saddam Hussein slechts op een paar uurtjes gemist toen zij maandag zoekacties uitvoerden in Tikrit. Dat zei de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Richard Armitage maandag op de nieuwszender CNN.

Volgens Armitage is het wel duidelijk dat de strop rond de nek van de verdreven dictator steeds sterker wordt aangetrokken. "Maandag waren er drie zoekacties. We misten hem op enkele uren." Hij zei verder dat Saddam Hussein geen Osama bin Laden is en niet gewend is "in het wild" te leven.

Armitage liet er geen twijfel over bestaan dat Saddam zonder aarzelen moet worden gedood, als het leven van Amerikaanse militairen gevaar loopt bij een poging hem levend in handen te krijgen. "Als Saddam Hussein op een veilige manier gevangengenomen kan worden, zou dat geweldig zijn. Als de Amerikaanse militairen ook maar iets kan overkomen, moet hij worden gedood", aldus Armitage.

Woordvoerder Jeff Fitzgibbons van de coalitietroepen in Bagdad zei dinsdag het optimisme van Armitage over de zoekactie naar Saddam niet te delen. "Ik beschik niet over harde feiten die aangeven dat dat het geval is", zei hij. "Ik weet dat ze hebben gesproken met de lokale bevolking en dat sommigen het gevoel hadden dat hij daar pas was geweest, maar niets is te bevestigen als feit", zei Fitzgibbons.

Het grootste probleem in Irak is volgens de onderminister de combinatie van aanhangers van het oude regime en buitenlandse "terroristen". "Er zijn aanwijzingen dat Hezbollah probeert onze belangen te schaden in deze toch al verwarrende situatie", aldus Armitage. Hezbollah is de pro-Iraanse islamitische beweging die in Libanon actief is.

Hij voegde er aan toe dat ook strijders uit landen als Saudi-Arabië, Pakistan, Syrië en Jordanië Amerikaanse militairen aanvallen. Hij denkt dat de verzetsgroepen afzonderlijk opereren zonder echte samenhang.