Doodstraf geëist tegen hoofdverdachte aanslagen Bali

BALI - De Indonesische aanklager heeft maandag de doodstraf geëist tegen Imam Samudra, het vermoedelijke brein achter de bomaanslagen op Bali in oktober vorig jaar en een van de vier hoofdverdachten.

Het is de tweede maal dat de doodstraf is geëist tegen iemand die verdacht wordt van betrokkenheid bij de aanslagen op Bali. Eind vorige maand eisten de aanklagers dezelfde straf tegen de verdachte Amrozi, die betrokken zou zijn bij het plannen en uitvoeren van de aanslagen.

De 33-jarige Imam Samudra heeft tijdens het proces toegegeven dat hij bij de aanslagen betrokken was, maar hij heeft ontkend het brein te zijn. Zijn advocaten hebben verteld dat hij heeft gezegd klaar te zijn om de doodstraf te ondergaan. Op 11 augustus wordt de zaak hervat. Dan zal Imam Samudra zelf een pleidooi houden om zich te verdedigen.

Bij de explosies op 12 oktober kwamen 202 mensen, vooral Australische toeristen, om het leven. Samudra toonde tijdens zijn proces geen berouw over de doden uit westerse landen, maar zei wel te betreuren dat bij de aanslagen ook moslims om het leven zijn gekomen. Hij zei echter te verwachten dat God hem dat zal vergeven.

Poel van zonde

Imam Samudra bestempelde Bali, het Indonesische vakantieparadijs, als "poel van zonde". Volgens hem waren de aanslagen daarom volgens de wet van de islam gerechtvaardigd. "Bali is het zondigste oord van Indonesië, terwijl de meerderheid van de bevolking moslim is", aldus Samudra.

Samudra wordt gezien als leidende figuur in de Aziatische moslimbeweging Jemaah Islamiyah (JI). Hij vertelde de rechtbank dat hij in de jaren negentig zijn training in Afghanistan heeft ontvangen. Hij bekende ook betrokken te zijn geweest bij een bomaanslag op een kerk in Batam, even ten zuiden van Singapore, op kerstavond 2000.

Tip de redactie