WILLEMSTAD - Nederlanders die zich op de Nederlandse Antillen willen vestigen, hebben vanaf maandag geen werk- en verblijfsvergunning meer nodig. Dat geldt ook voor Arubanen, zo heeft minister R. Martha van Justitie maandag meegedeeld.

Het afschaffen van de verblijfsvergunning voor Nederlanders was vorig jaar al door de Staten (het parlement) aangenomen, maar het schrappen van de werkvergunning liep vertraging op. Verschillende eilanden waren bang dat het openen van de grenzen een bedreiging zou vormen voor de werkgelegenheid.

In de Landsverordening Arbeid Vreemdelingen (LAV) werd vastgelegd dat de eilandsbesturen van Curaçao, Bonaire, Sint Maarten, Saba en Sint Eustatius zelf per sector kunnen bepalen of een werkvergunning wordt verstrekt, afhankelijk van de beschikbaarheid van lokale krachten. Zo zouden de eilanden hun eigen arbeidsmarkten kunnen beschermen.

"Maar de eilanden, met uitzondering van Curaçao, hebben nooit aangegeven welke beroepsgroepen ze beschermd wilden zien", zegt Martha. "Curaçao heeft aangegeven dat geen sector beschermd hoeft te worden en dat Nederlanders geen werkvergunning nodig hebben om aan het werk te gaan. Maar van de overige eilanden heb ik niets vernomen", aldus Martha.

Met de verkiezingen in aantocht heeft hij besloten niet langer te wachten en via een landsbesluit is de vergunningsplicht voor Nederlanders en Arubanen afgeschaft. Het openstellen van de grenzen voor Nederlanders en Arubanen is overeengekomen in het regeerakkoord. De Antilliaanse regering wil zo het investeringsklimaat verbeteren en de economie stimuleren.