DEN HAAG - Het risico dat een inwoner van een verpleeg- of verzorgingshuis verwondingen oploopt bij een val, mag geen reden meer zijn de cliënt vast te binden. Nu gebeurt dat nog vaak wel.

Staatssecretaris Jet Bussemaker (Volksgezondheid) heeft woensdag aan de Tweede Kamer geschreven dat een bewoner alleen nog vastgebonden mag worden als er echt niets anders op zit en de cliënt zonder vastbinden slechter af is.

Clienten die niet worden vastgezet met een zogeheten Zweedse band of met bedhekken, vallen vaker. Maar zij raken niet zwaarder gewond dan mensen die wel vastgebonden worden. Dit jaar overleden zeven mensen na ongelukken met een Zweedse band.

Alternatieven

Volgens Bussemaker zijn er inmiddels genoeg alternatieven voor vastbinden om te voorkomen dat een patiënt valt. Daar komt nog eens bij dat de huidige regels cliënten onvoldoende beschermen tegen onvrijwillige fixatie.

Overigens wil de staatssecretaris in de wetgeving die ze aankondigt, ook wat doen aan andere maatregelen die de vrijheid van bewoners van een instelling inperken.

Zo moet een verpleeg- of verzorgingshuis voor elke cliënt bekijken of het nodig is hem of haar op de kamer te houden. Nu gaan nog hele afdelingen op slot.

Ook gaat Bussemaker wat doen aan beperkingen waarmee vooral gehandicapten in een instelling te maken krijgen, zoals een verplichte dagindeling.

Ouderenbond

Ouderenbond Unie KBO heeft de Tweede Kamer dinsdag opgeroepen een einde te maken aan maatregelen die de vrijheid van ouderen beperken.

Fixatie leidt tot meer ongelukken, incontinentie en depressiviteit, aldus de bond. Personeel zou scholing moeten krijgen om beter met lastige patiënten om te gaan.

Woensdag debatteert de Kamer over vastbinden in zorginstellingen.