AMSTERDAM - De man die zo goed als zeker in 1984 in Zaandam kledingverkoopster Sandra van Raalten heeft vermoord, is dood. Dit heeft het Openbaar Ministerie in Haarlem vrijdagmiddag bekendgemaakt. Het gaat om een man die door de politie reeds in enige tijd als verdachte werd beschouwd, maar tegen wie onvoldoende bewijs voorhanden was. Naar een mogelijke tweede betrokkene wordt nog nader onderzoek verricht.

Sandra van Raalten werd 30 november 1984 dood aangetroffen in een van de paskamers in boetiek Manouk aan de Westzijde in Zaandam. Zij was vastgebonden aan handen en voeten met repen gordijn, haar mond was gekneveld met een zakdoek.

De doorbraak in de zaak is het gevolg van nieuw DNA-onderzoek, dat leidde tot de identificatie van K. E. als dader. Door dit onderzoek is ex-verdachte Rob van Zaane definitief vrijgepleit. Die werd in 1988 vrijgesproken, maar bij velen bleven twijfels over zijn betrokkenheid bestaan.

Met het nieuwe onderzoek gaven justitie en politie gevolg aan een verzoek van de moeder van slachtoffer Van Raalten. Zij schreef in het voorjaar van 2001 een brief aan minister van justitie Korthals en vroeg hem de moderne onderzoekstechnieken op het gebied van DNA op de paskamermoordzaak toe te passen. Inmiddels was een team van de regiopolitie Zaanstreek-Waterland al een nieuw tactisch en technisch onderzoek naar de zaak begonnen.

Uit dit onderzoek kwamen "tenminste twee personen" naar voren, aldus de Haarlemse persofficier van justitie E. Hartjes. Beiden waren al eerder "in beeld" geweest. Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) verrichtte DNA-onderzoek, waaruit een zogeheten match met E. tevoorschijn kwam. Er werd geen gelijkenis gevonden met het DNA-materiaal van de andere mogelijke verdachte.

E. is eerder veroordeeld voor doodslag. De rechtbank in Amsterdam achtte in 1989 bewezen dat de toen 37-jarige E. die zomer in Amsterdam B. Samir doodsloeg met een straattegel. Hij werd destijds veroordeeld tot vijf jaar celstraf.

E. had toen al een flink strafblad. De aangetekende delicten varieerden van overtreding van de vuurwapenwet tot en met verkrachting en poging tot doodslag. Zijn zaken waren opmerkelijk vaak geseponeerd. E. stond bekend als een geweldige leugenaar en kennelijk wierpen zijn ontkenningen nogal eens vruchten af.