DEN HAAG - Vmbo-scholen mogen vanaf volgend jaar bij de afgelegde examens niet meer afwijken van de landelijke normering. Dit jaar heeft een aantal scholen dat nog wel gedaan, wat ruim vierhonderd extra geslaagde leerlingen heeft opgeleverd. Dat schrijft minister Van der Hoeven (Onderwijs) donderdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Dit jaar legden ongeveer 110.000 leerlingen een examen af in het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo). De praktijk- en theorie-examens voor de beroepsgerichte vakken werden voor het eerst centraal afgenomen. Volgens het ministerie sloten de vakken goed aan bij de onderwijspraktijk.

Negentig procent geslaagd

Negentig procent van de leerlingen is geslaagd. Van der Hoeven schrijft aan de Kamer dat 11 procent van de vmbo-scholen bij een of enkele vakken van de landelijke adviesnormering is afgeweken. De scholen konden bij ongeveer 60.000 leerlingen afwijken.

"Het niet toepassen van de adviesnormering heeft in totaal hooguit 0,7 procent extra geslaagden opgeleverd", meldt de bewindsvrouw.

Desondanks maakt Van der Hoeven een einde aan de ruimte die scholen hadden leerlingen een handje te helpen. Voor een richting maakt ze nog een uitzondering. De verplichting de centrale normering te volgen geldt niet voor de beroepsgerichte vakken in de zogenoemde basisberoepsgerichte leerweg.

Bij examens van deze richting zijn theorie en praktijk samengevoegd. Vanaf 2005 wordt daar bovendien pas een centraal examen afgenomen.