DEN HAAG - Bijna tweederde van de bouwprojecten voor windmolenparken loopt momenteel vast in de besluitvorming bij gemeenten.

De projecten stranden vooral omdat bewoners - en daarmee ook lokale bestuurders - bang zijn dat de windmolens voor overlast gaan zorgen, het landschap zullen ontsieren en dat de omliggende huizen minder waard worden.

Analyse

Dat blijkt uit een analyse van alle projecten die nu bij het ministerie van VROM bekend zijn. Een woordvoerder van het departement heeft dat zaterdag bevestigd na een bericht in de GPD-bladen.

Het gaat in totaal om 214 projecten die goed zijn voor 4400 megawatt aan duurzame energie.

Het kabinet heeft als doelstelling om meer duurzame energie uit windmolens te halen. In 2011 moet er 4000 extra megawatt uit windenergie worden gehaald.

Kabinetsdoelstelling

De uitkomsten van de analyse betekenen volgens de woordvoerder van VROM niet direct dat de kabinetsdoelstelling in gevaar komt.

"Het is positief dat er zoveel projecten ontwikkeld worden, maar er is nog wel een hoop werk te doen om er draagvlak in de maatschappij voor te krijgen."

Knelpunten

De zegsman stelt dat de resultaten van het onderzoek nog niet allemaal bekend zijn, maar dat op basis van de huidige gegevens wel duidelijk is dat het ministerie met gemeenten en provincies om tafel gaat om de knelpunten aan te pakken.

Zo moet er betere uitleg komen over de noodzaak van duurzame energie om er meer maatschappelijk draagvlak voor te krijgen.

Hardere doelstellingen

Misschien moet het Rijk volgens de woordvoerder ook hardere doelstellingen gaan stellen over waar en hoeveel windmolens er gebouwd moeten worden.

Op die manier worden gemeenten meer gedwongen mee te werken bij het zoeken van een plek waar de minste problemen en weerstand verwacht wordt.

Greenpeace

Milieuorganisatie Greenpeace wijst er in een reactie op dat het Rijk zelf ook niet voortvarend te werk gaat met duurzame energie.

Grote windmolenparken in Flevoland en Eemshaven zijn niet momenteel in productie, omdat de voorkeur wordt gegeven aan kolencentrales.