HUNTSVILLE-MEXICO-STAD - In de Amerikaanse stad Texas is woensdag rond 03.00 uur (Nederlandse tijd) de Mexicaan José Ernesto Medellín geëxecuteerd, ondanks een verbod van het Internationaal Gerechtshof (ICJ) in Den Haag.

De 33-jarige man zou eigenlijk om 01.00 uur de dodelijke injectie toegediend krijgen, maar de gouverneur van Texas wilde dat het Amerikaanse hooggerechtshof eerst een uitspraak deed over de controversiële zaak.

Het hoogste hof van de VS besloot de executie niet tegen te houden.

Volgens het ICJ mocht de veroordeling van de Mexicaan niet uitgevoerd worden omdat hij na zijn arrestatie niet meteen de gelegenheid kreeg om contact op te nemen met een Mexicaanse diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging. Daarom moest Medellín de gelegenheid krijgen tot een herziening van zijn zaak.

Verontwaardigd

De regering van Mexico reageerde verontwaardigd op de executie en protesteerde in een nota aan het State Department "tegen deze schending van het internationale recht".

Medellín kreeg in 1994 de doodstraf voor zijn betrokkenheid bij verkrachting van en moord op twee tienermeisjes, een jaar eerder in Houston.

Bevel

Op verzoek van Mexico vaardigde het Internationaal Gerechtshof vorige maand in kort geding een bindend bevel uit aan het adres van de VS om alles in het werk te stellen om Texas te weerhouden van de executie.

Een bodemprocedure over de terdoodveroordeling van Mexicanen in de VS loopt nog.