DEN HAAG - Allochtonen moeten soms strenger worden gestraft dan wetsovertreders van Nederlandse afkomst. Een andere opvatting van normen vraagt ook om een andere straf. Dat zegt scheidend korpschef J. Wiarda van de politie Haaglanden zaterdag in de Haagsche Courant.

”De wet is voor iedereen gelijk, maar de behandeling van allochtonen kan om een andere stijl vragen dan die van autochtonen.” Wiarda noemt als voorbeeld huiselijk geweld, waarbij een autochtone dader kan kiezen tussen straf of therapie. Maar een allochtoon zou in dit geval minder snel zijn straf moeten ontlopen, vindt Wiarda. “En waar je de autochtone scholier een voorwaardelijke straf geeft, moeten allochtone jongeren misschien al meteen naar de tuchtschool. Ook in de eigen kringen van allochtonen hoor je die geluiden.”

Hopeloos

Dat hij met zijn opvattingen tornt aan het uitgangspunt dat iedereen in Nederland voor hetzelfde vergrijp in principe dezelfde straf krijgt, neemt Wiarda voor lief. “Want door toepassing van het gelijkheidsbeginsel discrimineren wij.” Hij erkent dat zijn pleidooi lastig te verwezenlijken zal zijn. “Het is een moeilijk verhaal in deze tijd van mensenrechten. In de uitwerking gaat het mij ook een beetje boven de pet.” Maar hard nodig is het wel, vindt hij, want Haagse agenten hebben het moeilijk met allochtonen. ”Ze worden hopeloos van die Marokkaanse jongens, ze raken gedeformeerd.”

Commentaar Deetman

Burgemeester Deetman van Den Haag, de korpsbeheerder deelt de opvattingen van de korpschef niet, aldus zijn woordvoerder. “In Nederland is iedereen gelijk voor de wet. Daar wil ik aan vasthouden.” Een zegsman van de Raad van Hoofdcommmissarisen wil niet op Wiarda's pleidooi ingaan. Volgens hem is het onderwerp nooit in de raad aan de orde geweest.

Openbaar Ministerie

Een woordvoerder van het college van procureurs-generaal, de landelijke leiding van het Openbaar Ministerie, sluit zich hier bij aan. “Wat helpt bij bestrijding van criminaliteit is maatwerk in de opsporing. Dan kun je adequaat reageren. Maar wat niet helpt is om verschillende bevolkingsgroepen verschillend te straffen.”

Politieke reacties

In de politiek vindt Wiarda's pleidooi geen gehoor. “Te gek voor woorden”, meent PvdA-Kamerlid Albayrak. Het zou tot rechtsongelijkheid leiden en dat is niet goed te praten. Ook voor het CDA moet het strafrecht voor iedereen gelijk zijn. “Rechters zijn in de praktijk mans genoeg ook naar de persoon te kijken”, aldus Van Haersma Buma van het CDA. Maar dan gaat het niet om etniciteit of de vraag of iemand man of vrouw is.

VVD-woordvoerster Griffith vindt het “nogal gemakkelijk” van Wiarda om dit bij zijn vertrek aan te snijden. Bovendien ondergraaft Wiarda zijn eigen stelling door aan te geven dat het wat mensenrechten betreft een moeilijk verhaal is, meent zij.

De LPF vindt het “moedig” en heeft er respect voor dat Wiarda zich bemoeit met het debat hierover. Maar inhoudelijk is de partij het er niet mee eens. Het komt neer op discriminatie in het strafrecht en dat kan niet, aldus LPF'er Eerdman.

Wiarda vertrekt bij Haaglanden om vanaf 1 juli twee jaar lang verantwoordelijk te worden voor Europese samenwerking op het gebied van politietaken. Dit vloeit voort uit het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie in de tweede helft van 2004. In zijn nieuwe functie wordt Wiarda verder voorzitter van de Europese taskforce van politiechefs (ETFPC) en van de European Police Academy (EPA).