VOLENDAM - Voor de rechtbank in Haarlem begint maandag 2,5 jaar na de cafébrand in Volendam het strafproces rond deze tragische gebeurtenis. Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt de -jarige J.V., zijn 26-jarige dochter L. en de 35-jarige bedrijfsleider J.V. van brand en dood door schuld en het veroorzaken van zwaar lichamelijk letsel. Zij kunnen daarvoor maximaal zestien maanden celstraf krijgen, aldus persofficier J. Hartjes.

Tijdens de brand kwamen veertien jongeren om het leven en raakten bijna driehonderd tieners gewond. Volgens het OM gaat het om schulddelicten en is er geen sprake geweest van opzet. Geen van hen heeft deze ernstige gevolgen gewild, benadrukt het OM. Het OM meent wel dat ze in zekere mate verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor de ramp zoals die zich heeft voorgedaan, maar niet in dezelfde mate. Wat ieders aandeel is geweest in het geheel, wordt volgens het OM pas tijdens het strafproces duidelijk.

Het drietal wordt bijgestaan door advocaat H. Anker en zijn kantoorgenoten T. van der Goot en J. Boksem. Het OM heeft twee officieren van justitie op de zaak gezet, B. Beune en A. Peters. De rechtbank in Haarlem heeft zeven dagen voor het strafproces uitgetrokken, 23, 24, 26 en 27 juni en 1, 2 en 4 juli. Volgens Hartjes worden mogelijk getuigen en/of deskundigen opgeroepen tijdens de rechtszaak. De verwachting is dat de officier van justitie op 27 juni de eis tegen de verdachten formuleert. De rechtbank doet vermoedelijk op 18 juli uitspraak.

Een aantal dagen voor het begin van het proces ziet het pand aan de Haven 154-156 er op het eerste oog normaal uit. Als je naar binnen kijkt is het net alsof de Wir War Bar het afgelopen weekeinde open is geweest en nog schoongemaakt moet worden. Voor de ramen van het daarboven gelegen café De Hemel hangen de gordijnen dicht.

Schotten

Een normaal horecapand is het echter allerminst. Sinds de cafébrand in de nieuwjaarsnacht van 2001 in De Hemel zijn de deuren van de zaak gesloten. Tot voor kort zaten voor de ramen van de Wir War Bar schotten gespijkerd, maar die zijn onlangs op verzoek van andere ondernemers aan de dijk verwijderd. "Vlak daarna heeft iemand de ramen beklad, tegenstanders van V.", vertelt een Volendamse in het naastgelegen café De Kakatoe.

Wir War Bar

De horecabaas wil de Wir War Bar weer openen, maar de gemeente weigert hem een horecavergunning te verlenen. Bovendien heeft V. nog steeds geen gebruiksvergunning voor het pand. De verwachting is dat veel nabestaanden en slachtoffers uit Volendam de rechtszaak bijwonen. Het Anker, het informatiecentrum dat is opgericht na de cafébrand voor de nazorg, zorgt voor geestelijke ondersteuning tijdens de zittingsdagen. Ook is er een pastoraal werker aanwezig.

Nieuwjaar

In de nieuwjaarsnacht van 2001 vierden ongeveer 250 jongeren - veel meer dan toegestaan - feest in De Hemel. Twintig minuten na middernacht ging het mis toen iemand een sterretje in de kroeg aanstak waardoor de niet geïmpregneerde kerstversiering vlamvatte. De korte, maar felle brand die daarop volgde, kostte uiteindelijk aan veertien jongeren het leven en bijna driehonderd tieners raakten gewond.

Onderzoek wees uit dat V. zijn zaken niet op orde had. De gemeente had hem in april 2000 een gebruiksvergunning geweigerd, omdat het pand niet voldeed aan brandveiligheidseisen. De gemeente schreef V. in een brief "dat er bij een incident levensgevaarlijke situaties kon ontstaan". V. moest van de gemeente de vluchtwegen op orde brengen, meer brandslanghaspels aanbrengen en een aantal medewerkers laten opleiden tot bedrijfshulpverlener.

Na de brand bleek dat V. nauwelijks iets had gedaan om die gebreken aan te pakken, behalve het indienen van een bouwaanvraag met betrekking tot de noodzakelijke bouwkundige aanpassingen, het plaatsen van een noodtrap, op 21 december 2000. Ook had V. zich niet gehouden aan de voorschriften van de gemeente wat betreft de kerstversiering, hoewel de gemeente eind november alle horecaondernemers per brief had verzocht de kersttakken en andere versiering te impregneren. In De Hemel was dit niet gebeurd.

De cafébrand heeft ook het gemeentebestuur van Edam-Volendam niet ongemoeid gelaten. Burgemeester F. IJsselmuiden en CDA-wethouder W. Visscher traden eind maart 2001 af na de harde kritiek van een onderzoekscommissie op de rol van de gemeente. Het gemeentebestuur en ambtenaren kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd.