DEN HAAG - Zeven (emeritus) hoogleraren, onder Arnold Heertje, bepleiten dinsdag in een open brief aan de Tweede Kamer een 'adempauze' in de bouw van de Betuwelijn. Ook roepen zij de Kamer op tot een parlementaire enquête, die direct na het verschijnen van een rapport van de Algemene Rekenkamer over dit omstreden project van start moet gaan. Dit rapport wordt nog deze week verwacht.

Volgens de hoogleraren, die de open brief in de nacht van maandag op dinsdag bekendmaakten, hangt rond het hele project al vanaf het begin een sfeer van onjuiste presentatie van de feiten. Zij stellen onder meer dat de private financiering, waar het project zwaar op had moeten steunen, een wassen neus is. Het project blijkt steeds weer duurder uit te vallen, terwijl nog onduidelijk is of de spoorwegvervoerders wel in het net willen investeren.

Alternatief vervoer

Ook heeft de Kamer volgens de hoogleraren onvoldoende gekeken naar alternatieve vervoerswijzen zoals de binnenvaart. Volgens hen kunnen enkele schepen de vervoerscapaciteit van de Betuweroute evenaren. Bovendien zouden deze schepen met gemak betaald kunnen worden uit het bedrag van de onderhoudskosten van de lijn.

Een aantal van deze hoogleraren stuurt al sinds 1998 aan op heroverweging van de Betuwelijn. Toen waarschuwden zij de Kamer dat uitstel of fasering van de aanleg van de lijn noodzakelijk was om 'te voorkomen dat de Betuweroute tot een bestuurs- en planningsramp leidt'.

Heertje

De groep van zeven bestaat uit emeritus hoogleraar economie prof. dr. A. Heertje, hoogleraar ruimtelijke economie prof. dr. J. Oosterhaven, emeritus hoogleraar vervoerseconomie prof. dr. J.B. Polak, hoogleraar planning prof.ir. A.A.J. Pols, hoogleraar vervoerseconomie prof. dr. P. Rietveld, emeritus hoogleraar bedrijfskunde prof. dr. C.B. Tilanus en hoogleraar politieke wetenschappen prof. dr. B.A.M.G Tromp.