ROTTERDAM - Antilliaanse kinderen in Nederland hebben 50 procent meer kans om te overlijden in hun eerste levensjaar dan autochtone kinderen. Dat concludeert wetenschapper Ernst-Jan Troe van het Rotterdamse Erasmus Medisch Centrum in een proefschrift waarop hij binnenkort promoveert.

Ook bij andere allochtone groepen hebben zuigelingen volgens Troe een verhoogd risico op sterfte. Bij Turken en Surinamers ligt dat percentage volgens hem op 30, bij Marokkanen op 40.

Troe verklaart de hogere sterfte bij de Antilliaanse baby's door hun vaak lagere geboortegewicht en de kortere periode van zwangerschap van de moeders.

Lengte

Die verschijnselen worden volgens de promovendus veroorzaakt door de lengte van de ouders, hun sociaal-economische status, de leeftijd van de moeder en de vraag of ze getrouwd is of niet.

De helft van de Antilliaanse zwangere vrouwen is alleenstaand en 10 procent is nog geen twintig jaar oud. Ter vergelijking: Onder autochtone vrouwen is 2 procent (aanstaand) tienermoeder.

Zwangerschapsvergiftiging

Zwangere Antilliaanse vrouwen hebben bovendien twee keer zoveel kans op zwangerschapsvergiftiging in vergelijking met autochtone vrouwen die in verwachting zijn.

Het Rotterdamse Erasmus Medisch Centrum doet een langdurend onderzoek naar de ontwikkeling en gezondheid van kinderen. Het project heet Generation R en wordt gehouden onder 10.000 kinderen. Onderzoekers volgen de kinderen vanaf de geboorte totdat ze volwassen zijn. Het onderzoek van Troe valt binnen Generation R.