ARUSHA - Rwandezen die voor het Rwanda-Tribunaal hebben getuigd voor de van genocide verdachte Prosper Mugiraneza, klagen dat zij na hun terugkeer naar Rwanda zijn bedreigd en geïntimideerd, door overheidsfunctionarissen en door een vereniging van overlevenden van de genocide.

Dit heeft Mugiraneza's advocaat Tom Moran zaterdag laten weten aan het ANP.

Hij heeft vrijdag bij de rechters in het Tanzaniaanse Arusha een dringend verzoek ingediend om een onderzoek in te stellen wegens "minachting van het tribunaal". Volgens de Amerikaanse jurist kan het VN-hof niet normaal functioneren als getuigen worden geïntimideerd.

Genocide

Bij de genocide in Rwanda in 1994 werden 800.000 à 1 miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's in stukken gehakt of op andere wijze vermoord door radicale Hutu's.

Sinds de volkenmoord hebben de Tutsi's het voor het zeggen in Rwanda. De hoofdverdachten van de genocide die voor het VN-tribunaal in Tanzania terechtstaan, zijn bijna allemaal Hutu's.

Aanwezig

Moran heeft Tutsi's gevonden die voor het tribunaal getuigden dat Mugiraneza niet aanwezig was bij bepaalde slachtpartijen. Na terugkeer uit Arusha werden die getuigen à decharge naar eigen zeggen beschimpt als verraders of in een openbare vergadering aan de kaak gesteld.

Weduwen werd voorgehouden dat zij geen huis, gezondheidszorg en onderwijs voor de kinderen meer zouden krijgen.

Moran noemde dit "een signaal aan anderen dat hen slechte dingen zullen overkomen als zij een getuigenis afleggen die niet overeenkomt met de wensen van de Rwandese regering."