DUBLIN - Wereldwijd is met gejuich en scepsis gereageerd op het vrijwel algehele verbod van clusterbommen. Ruim honderd landen werden het woensdagavond in Dublin eens over de verdragstekst.

Ook Nederland heeft ingestemd met het verdrag, dat in december in Noorwegen ondertekend wordt. Minister Eimert van Middelkoop van Defensie heeft het van historische betekenis en een flinke aanscherping van het humanitair oorlogsrecht genoemd.

"Met dit verdrag zal clustermunitie tot het verleden gaan behoren voor de landen die het zullen ondertekenen."

Naast de in Dublin aanwezige landen zijn ook veel humanitaire organisaties blij met het verdrag. Het Rode Kruis, dat toeziet op de naleving van het humanitair oorlogsrecht en de verdere ontwikkeling ervan, ziet de gemaakte afspraken als een stap voorwaarts bij de bescherming van burgers.

Het verdrag kan volgens de organisatie veel leed voorkomen. Miljoenen onbetrouwbare en onnauwkeurige 'submunities' die nog op voorraad zijn, zullen nooit worden afgeschoten.

Afgevuurd

Clusterbommen worden afgevuurd door vliegtuigen of door kanonnen vanaf de grond. Een bom bevat veel kleinere bommetjes (submunitie). Daardoor wordt met een clusterbom in één keer een heel gebied aangevallen.

De kleine bommetjes exploderen zodra zij de grond raken. Maar niet allemaal; vaak blijven ze liggen zonder te exploderen en kunnen ook jaren na een conflict nog burgers treffen. In een derde van de gevallen betreft het kinderen.

Landen

Zeker veertien landen hebben clustermunitie gebruikt, waaronder Nederland, Frankrijk, Israël, Marokko, de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Rusland, dat in 1943 als eerste clustermunitie op de nazi's afschoot. Ook enkele onafhankelijke groeperingen hebben de munitie gebruikt.

De belangrijkste producenten van clustermunitie, de Verenigde Staten, China, Rusland, Israël, India en Pakistan, zijn niet in Dublin aanwezig.

Ze zijn tegenstander van een verbod. De Verenigde Staten hebben al laten weten dat ze doorgaan met het gebruik van clustermunitie. Dat kan betekenen dat hun bondgenoten, zoals Nederland, gedwongen zijn de omstreden bommen te blijven gebruiken, zeggen experts.

Luchtsteun

Paragraaf 21 van het verdrag zou volgens experts bijvoorbeeld kunnen inhouden dat Nederlandse militairen Amerikaanse luchtsteun vragen waarbij vervolgens clusterbommen worden ingezet ook al gebruikt het Nederlandse leger de munitie zelf niet.

"Het hele verdrag is een Gruyèrekaas, het zit vol gaten", aldus Nigel Inkster, een analist bij het Internationale Instituut voor Strategische Studies (IISS) in Londen. "Denk je nou echt dat iemand bij een serieuze dreiging die afgeweerd kan worden met clustermunitie, deze niet gaat gebruiken?"

Brown

De Britse premier Gordon Brown heeft via een woordvoerder laten weten dat hij juist met behulp van die 'gaten in het verdrag' mogelijkheden ziet om andere naties over te halen het verdrag te ondertekenen.

"De Amerikaans-Britse alliantie en de mogelijkheid om met onze bondgenoten samen te werken is cruciaal en paragraaf 21 kan daar juist bij helpen."