UTRECHT - De huisartsenzorg in Nederland is stuurloos. Het is niet duidelijk wie de regie heeft en dat resulteert in onsamenhangende initiatieven, waarvan niet duidelijk is wat de gevolgen zijn voor de volksgezondheid. Dat stelt de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) in haar jaarrapport 2002.

De zorgverzekeraars zijn van mening dat zij een groot deel van de regie in handen hebben. De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) vindt dat zorgverzekeraars alleen een faciliterende rol hebben en de zorg financieel mogelijk moeten maken. IGZ roept de partijen op om samen te kijken welk soort huisarts in de toekomst nodig is. Ondertussen zal de IGZ zelf dit jaar criteria ontwikkelen waaraan bijvoorbeeld het nieuwe fenomeen huisartsenpost moet voldoen.

Onrust

Uit het jaarrapport blijkt dat de bereikbaarheid van huisartsen vorig jaar een van de grote knelpunten was. Zo leidde de invoering van 0900-nummers in huisartsenpraktijken of bij weekend- en nachtdienstnetwerken tot grote onrust. Er ontstonden wachtrijproblemen en mensen beklaagden zich over de kosten. De LHV heeft inmiddels kleur bekend en gesteld dat huisartsen via een gewoon telefoonnummer bereikbaar moeten zijn. Maar de signalen over problemen met 0900-nummers namen toe. Inmiddels heeft de IGZ huisartsen ook aangeschreven.

Overigens waren huisartsen niet het enige knelpunt in 2002. Het jaarrapport is een waslijst aan problemen variërend van lacunes in de reguliere spoedeisende hulp, de wachttijden in ziekenhuizen, het gebrek aan kwaliteit bij kleine ziekenhuizen en het tekort aan artsen voor mensen met een handicap.

Daarnaast blijkt dat wetgeving niet altijd wordt uitgevoerd. Zo had slechts 5 procent van de zorginstellingen een kwaliteitsbeleid ontwikkeld dat kan fungeren als waarborg. De Kwaliteitswet die een dergelijk beleid voorschrijft is zeven jaar geleden ingevoerd.