KATHMANDU - Een Japans team van bergbeklimmers heeft de hellingen van de Mount Everest in het Himalayagebergte schoongemaakt en 2,4 ton afval verwijderd. Dat heeft woordvoerder Noguchi van het team zaterdag in de Nepalese hoofdstad Kathmandu gezegd.

De dertig leden van de schoonmaakploeg verzamelden op de klimroute naar de top onder meer vijftig zuurstofflessen, voedselblikjes, tenten, gastankjes, plastic en touwen die door alpinisten waren achtergelaten.

Tentoonstelling

Een deel van de rommel wordt in Nepal en Japan tentoongesteld met de bedoeling de mensen milieubewust te maken, aldus Noguchi, die al enkele keren eerder aan een schoonmaakexpeditie meedeed.

Lijk

De schoonmakers vonden ook een niet-geïdentificeerd lijk. Het lichaam werd naar beneden gebracht en in een bergspleet begraven, aldus de zegsman. In totaal zijn 175 mensen die probeerden de top te bereiken, overleden. Veel lichamen liggen nog steeds op de hellingen van de 8848 meter hoge berg.

Vuilstortplaats

Wegens de grote hoeveelheid troep die de alpinisten de afgelopen tientallen jaren achterlieten, werd de Mount Everest wel de hoogste vuilstortplaats ter wereld genoemd. De afgelopen vijftig jaar hebben bergbeklimmers er naar schatting 50 ton rotzooi laten liggen. Het werd ietsje beter toen de Nepalese regering in 1993 klimmers boetes oplegde die niet terugkeerden met hun zuurstofflessen.

Herdenking

Donderdag wordt herdacht dat vijftig jaar geleden de top voor het eerst werd bedwongen. De Nieuw-Zeelander Sir Edmund Hillary en zijn sherpa Tenzing Norgay bereikten op 29 mei 1953 als eersten de top. Sindsdien traden meer dan 1200 mensen in hun voetsporen.