AMSTERDAM - Het Openbaar Ministerie (OM) in Breda gaat de aangifte onderzoeken die de meermalen voor drugshandel veroordeelde Henk R. heeft gedaan tegen Nederland en de Verenigde Staten. Volgens de advocaat van R., Mark Teurlings, heeft de baas van het OM hem dat in een brief laten weten.

R., ook wel de Zwarte Cobra genoemd, meent dat de VS hem onrechtmatig in de val hebben gelokt, door hem met behulp van een Nederlandse infiltrant op Nederlandse bodem uit te lokken om aan een drugstransport mee te doen.

De rechtbank in New York veroordeelde de 'topcrimineel' als gevolg daarvan in januari 2006 tot twintig jaar gevangenisstraf en 1 miljoen dollar boete voor zijn betrokkenheid bij drugssmokkel. Een Amerikaanse jury bevond hem mede op basis van de uitlokking schuldig aan de smokkel van xtc naar New York.

Opsporingsdienst

Teurlings beklaagde zich destijds al bij de toenmalige minister van justitie, Piet Hein Donner. Tijdens het proces in de VS kwamen de illegale activiteiten van de Amerikaanse opsporingsdienst DEA in Nederland aan het licht. Ze stonden beschreven in documenten van de Amerikanen zelf.

Uit deze stukken bleek dat een Nederlandse criminele informant en een Amerikaanse DEA-agent R. vanuit Nederland probeerden te bewegen xtc naar de VS te smokkelen. Deze manier van uitlokking zonder toestemming is in Nederland verboden.

Geschonden

Justitie in Nederland had een Amerikaans verzoek hiertoe afgewezen. De Amerikanen hebben hun operatie op eigen houtje doorgezet. De advocaat vindt dat uit deze zaak in elk geval onmiskenbaar duidelijk is geworden dat de rechten van Nederlandse verdachten in de Verenigde Staten op "alle mogelijke manieren" worden geschonden.

Minister Hirsch Ballin van Justitie heeft in een brief van 28 februari toegegeven dat de Amerikanen in de zaak tegen R. een keer de verdragsregels hebben overtreden. Hij benadrukte echter dat dit een incident betrof en geen structurele gang van zaken is.

Hoe lang het onderzoek naar de aangifte van Henk R. gaat duren is nog niet bekend.