BELGRADO - In de nasleep van de afscheiding van de Servische provincie Kosovo is de Servische coalitieregering gevallen. President Boris Tadic kondigde zaterdag aan dat hij nieuwe verkiezingen uitschrijft.

De premier, Vojislav Kostunica, heeft feitelijk zijn regering ontbonden. Hij zei zaterdag dat hij zijn regering niet langer kan aanvoeren omdat de regeringsploeg eenheid mist over de kwestie Kosovo. De Albanese meerderheid in Kosovo verklaarde zich vorige maand onafhankelijk en kreeg van de meeste Europese landen steun.

Tadic gaf nog geen datum voor de vervroegde parlementsverkiezingen terwijl Kostunica 11 mei suggereerde. Die dag staan gemeentelijke verkiezingen op het programma.

Europese Unie

Kostunica is in conflict met coalitiepartners die zich ondanks de afscheiding van Kosovo niet afwenden van de Europese Unie. Kostunica's Democratische Partij van Servië (DSS) wil dat het afgelopen is met de toenadering tot de EU nu die in meerderheid Kosovo erkent.

Tadic' Democratische Partij (DS) is ook tegen afscheiding van Kosovo maar acht het in het belang van het land op pro-Europese koers te blijven.

In Servische ogen is de provincie Kosovo en Metohija de bakermat van de Servische natiestaat. De plaatselijke Albanezen zijn historisch nieuwkomers en zouden zich niet mogen afscheiden.

Akkoord

Kosovo is al met geweld gescheiden van de rest van Servië door NAVO-bombardementen op het toenmalige Joegoslavië in 1999. Het Servische gezag werd zo gedwongen zich uit Kosovo terug te trekken.

Grote westerse mogendheden plaatsten Kosovo onder bestuur van de VN. De mogendheden organiseerden onderhandelingen tussen Albanese Kosovaren en Serviërs over de status van Kosovo.

Daarbij is de gesteld dat Kosovo onafhankelijk kon worden indien er geen akkoord kwam over een status binnen Servië. De Albanezen spanden zich uiteraard niet in voor een akkoord en riepen 17 februari de onafhankelijkheid uit.