AMSTERDAM - De rechtbank in Amsterdam heeft donderdag bepaald dat de 46-jarige Germaine C. een werkstraf van 180 uur krijgt. Ook krijgt de vrouw een voorwaardelijke ontzegging van haar rijbevoegheid van zes maanden met een proeftijd van twee jaar.

Volgens de rechtbank is C. schuldig aan "zeer onvoorzichtig rijgedrag" waardoor de tasjesdief is komen te overlijden. Het Openbaar Ministerie (OM) eiste vorige maand nog 2,5 jaar gevangenisstraf.

De officier van justitie vond dat de vrouw veroordeeld moest worden wegens doodslag door gevaarlijk rijgedrag. De rechtbank sprak haar daarvan vrij, omdat zij niet bewezen acht dat de vrouw de jongen opzettelijk wilde doodrijden.

Hoger beroep

C. gaat in hoger beroep, liet haar advocaat Cees Korvinus weten. Volgens hem kan de vrouw pas een streep onder de zaak zetten als ze is vrijgesproken.

Hij zei wel dat zijn cliënte opgelucht is dat de rechtbank het verweer van haar raadslieden heeft gevolgd. "Maar het blijft heel zwaar voor haar dat de rechtbank haar een verwijt maakt."

Het Openbaar Ministerie (OM) liet weten de uitspraak eerst te willen bestuderen.

Niet proportioneel

Hoewel de rechter van mening was dat een slachtoffer van diefstal een gestolen goed terug mag pakken, is de manier waarop dat hier is gebeurd "niet proportioneel". "De vrouw is te ver gegaan in de wijze waarop ze haar tas terug wilde krijgen", oordeelde de rechtbank.

Die verwierp daarom ook het verweer dat C. niet anders kon en achtte bewezen dat zij op een smalle weg met een hoge snelheid en weinig zicht achteruit is gereden.

Psycholoog

Bij het bepalen van de strafmaat heeft de rechtbank niet alleen rekening gehouden met de beroving die aan het fatale ongeval vooraf ging. Ook het rapport van een psycholoog, waarin staat dat de vrouw enigszins verminderd toerekeningsvatbaar is en het tijdsverloop, het duurde drie jaar voordat het proces uiteindelijk plaatsvond, wogen mee.

Bovendien is C. volgens de rechtbank ongewild een bekende Nederlander geworden door de massale belangstelling in de maatschappij en media.

Ali

De 46-jarige C. werd op de bewuste avond van 17 januari beroofd van haar handtas door Ali el B. De jongen griste die uit haar auto en wilde er samen met een vriend op een scooter vandoor gaan.

De vrouw pikte dit niet en reed met haar voertuig achteruit achter hen aan de Derde Oosterparkstraat in. Ze raakte daarbij de brommer, waarop El B. klem kwam te zitten tegen een boom en ter plekke overleed.

Verdonk

Tweede Kamerlid Rita Verdonk (Trots op Nederland) was ook aanwezig bij de rechtszaak. Verdonk, destijds nog minister van Integratie, raakte na het incident in opspraak toen ze zei dat er volgens haar geen sprake was van moord.

"Als de jongen de tas niet had gestolen, reed hij nog gewoon op zijn scooter rond en zat de vrouw nu gewoon thuis", zei ze toen.

De rechtbank is donderdag om 13.00 uur begonnen met de uitspraak en heeft daar 1,5 uur voor uitgetrokken.

Debat

D66 wil een debat in de Tweede Kamer over de scheiding tussen politiek en de rechterlijke macht.

Volgens fractievoorzitter Alexander Pechtold kan het niet dat collega-Kamerlid Rita Verdonk zich kritisch uitspreekt over het vonnis in de zaak tegen Germaine C.

D66-leider Pechtold vindt dat Verdonk niet op de stoel van de rechter moet gaan zitten. "Politici spreken geen recht. Als Verdonk de wet wil wijzigen, treed ik graag met haar in debat. Wetten worden in het parlement gewijzigd, niet in de rechtszaal.''

PVV

Ook de PVV sprak zich donderdag uit over het vonnis. Kamerlid Raymond de Roon van die fractie feliciteerde C. met haar vrijspraak voor doodslag.

Vorige week pleitte de parlementariër nog voor een lintje voor haar, omdat ze zich "niet als een mak schaap had laten beroven door Marokkaanse straatrovers maar met veel moed achter dit geboefte aan ging".

De Roon, die advocaat-generaal van het Amsterdamse gerechtshof is geweest, betreurt het dat de vrouw toch nog is veroordeeld voor een verkeersdelict.

Volgens hem had het gezien de ellende die C. "in de afgelopen drie jaren is aangedaan" voor de hand hebben gelegen haar geen straf op te leggen.