Walvisvaarders gewond door activisten (video)

TOKIO - Drie opvarenden van een Japanse walvisvaarder zijn maandag gewond geraakt door een bijtend zuur waarmee leden van de radicale milieugroep Sea Shepherd het Japanse schip een uur lang bestookten. Dit meldde een Japanse regeringswoordvoerder maandag.

Het ging om een bijtende stof die zowel in poedervorm als vloeibaar op het Japanse vaartuig werd gegooid. Van de vier opvarenden die werden getroffen door de stof moesten er drie aan de ogen worden behandeld, volgens de Japanse autoriteiten.

Japan zal een protest indienen in Australië, waar het schip van Sea Shepherd, de Steve Irwin, nu vandaan komt en in Nederland, waar de Steve Irwin is geregistreerd.

Verrotte boter

Sea Shephard-voorman Paul Watson noemde de actie "niet-gewelddadige chemische oorlogvoering'. De stof is volgens hem ongevaarlijk en zou feitelijk niet meer zijn dan een soort verrotte boter die voor stank en gladheid aan dek zorgt. Japan betitelde de actie als een ernstige aanval op de walvisvaarder Nishin Maru, in strijd met de wetten van de zee.

Japan ziet walvisvaart als deel van zijn cultuur. Het land vangt op beperkte schaal walvissen. De afspraken uit 1986 om geen walvissen meer te vangen staan een uitzondering toe voor 'onderzoek dat leidt tot de dood van de walvis'. Het Japanse onderzoek zou jaarlijks duizend walvissen het leven kunnen kosten.

Conferentie

Japan koestert ondertussen eventuele nieuwe leden van de in een impasse verkerende Internationale Walvisvaartcommissie. De regering houdt een conferentie in Tokio met elf van deze overwegend arme landen over de Japanse verbondenheid met de walvisvaart en over voedselproblematiek in het algemeen.

De milieuorganisatie Greenpeace betoogde maandag voor het conferentieoord. De conferentie, waar onder meer Cambodja, Congo, Equatoriaal-Guinea, Malawi en Vanuatu voor zijn uitgenodigd, zou volgens de betogers niet meer zijn dan een Japanse poging steun te kopen in ontwikkelingslanden die niets met walvissen te maken hebben.

Tip de redactie