PEKING - De verspreiding van de besmettelijke longziekte SARS leidt in China tot steeds meer onrust buiten de zwaar getroffen hoofdstad Peking. Chinese en andere Aziatische media maakten maandag melding van recente rellen op het Chinese platteland, waar de bevolking in opstand kwam tegen de stringente maatregelen en tegen lokale overheidsfunctionarissen.

De rellen zijn onder meer gemeld in de provincies Henan (Centraal-China) en Zheijang (Oost-China). Plaatselijke bewoners richtten hun woede vooral op de quarantaine van vermeende SARS-patiënten op plaatsen nabij hun huizen. De demonstranten zeggen geen zieke mensen zo dicht in de buurt te willen, aldus een Chinese overheidsfunctionaris.

Uit voorzorg zijn intussen in de stad Nanjing (Nanking) bijna .000 mensen in quarantaine geplaatst. De geïsoleerde inwoners, van wie er maar zeshonderd in direct contact zijn geweest met SARS-patiënten, zijn ondergebracht in een stuk of tien instellingen in de stad. Loco-burgemeester Xu Zhongzi verklaarde dat zijn stad streeft naar “geen besmettingen, geen sterfgevallen, geen verspreiding”.

Massale afzondering

Nanjing is de hoofdstad van de oostelijke provincie Jiangsu, waar althans volgens de officiële gegevens slechts vier SARS-gevallen zijn bevestigd. Steeds meer Chinese autoriteiten nemen hun toevlucht tot massale afzondering van inwoners om verdere verspreiding van de ziekte tegen te gaan. Alleen al in de hoofdstad Peking zijn circa 16.000 mensen in quarantaine geplaatst.

Het stadsbestuur van Peking heeft weer nieuwe voorzorgsmaatregelen aan de al lange rij toegevoegd. Het is per direct verboden te zwemmen, te vissen of te varen in alle waterbassins. De sluiting van alle zwembaden, meren en plassen moet voorkomen dat het virus de openbare watervoorziening besmet. De maatregel volgt op de bekendmaking van de WHO dat het virus veel langer buiten het menselijk lichaam kan overleven dan tot nu toe werd aangenomen.

Personeelstekort

Ziekenhuizen in Peking kampen met een oplopend tekort aan ondersteunend personeel. Die geven massaal hun baan op uit angst met SARS te worden besmet, meldden de staatsmedia. Schoonmakers en mensen die maaltijden bezorgen, hebben hun taken overgedragen aan het verplegend personeel, dat al zwaar overbelast is door de gezondheidscrisis.

Negen Chinezen zijn het afgelopen etmaal bezweken aan de longziekte, terwijl nog eens 160 mensen in China met het Severe Acute Respiratory Syndrome besmet raakten. Het Chinese ministerie van Volksgezondheid meldde maandag dat tot nu toe 206 mensen in het land aan de ziekte zijn overleden en 4280 Chinezen met SARS zijn geïnfecteerd.

Hongkong kon voor de tweede dag op rij betrekkelijk lage cijfers melden. Drie Hongkong-Chinezen stierven aan SARS, waardoor het totale aantal slachtoffers in de voormalige Britse kroonkolonie is opgelopen tot 187. Het aantal infecties steeg met acht tot 1637.

De wereldgezondheidsorganisatie WHO sprak de afgelopen dagen voor het eerst in dertig jaar rechtstreeks met Taiwanese functionarissen in Taipeh. De organisatie is bezorgd over de verspreiding van SARS op het eiland. Waar Vietnam, Singapore en Hongkong greep lijken te krijgen op de ziekte, lijkt de situatie in Taiwan zich juist te verslechteren. Het aantal besmettingen is de afgelopen twee weken verdubbeld tot circa driehonderd. Tien Taiwanezen legden tot dusver het loodje.

China beschouwt Taiwan als een afvallige provincie. De VN beschouwen Taiwan op hun beurt weer niet als een afzonderlijk land en daarom moest Peking instemmen met de komst van het WHO-team. Taiwan verloor in 1972 zijn zetel bij de WHO, nadat Peking de zetel van Taipeh bij de VN had overgenomen. Taiwan was daarvoor sinds lid van de WHO.