WASHINGTON - Een multinationale stabilisatiemacht in Irak kan eind mei van start gaan. De macht moet het land helpen een nieuwe toekomst op te bouwen. Dat heeft de Poolse minister van Buitenlandse Zaken zaterdag gezegd.

Vrijdag maakte het Pentagon bekend dat de Verenigde Staten zijn begonnen met het opbouwen van zo'n macht in Irak. Het land wordt daartoe in drieën opgedeeld. De VS, Groot-Brittannië en Polen krijgen elk in een sector het commando over de militairen die daar de vrede moeten bewaren, zo maakte een hoge functionaris van het Pentagon vrijdag bekend.

“Het idee is dat deze macht zal worden gevormd door een coalitie van gewilligen.” Het zal een troepenmacht onder VN-mandaat onnodig maken, aldus de Pentagon-functionaris. Waarschijnlijk zullen de VS, Groot-Brittannië, Polen, Spanje, Italië, Denemarken, Nederland, Oekraïne, Bulgarije en Albanië vermoedelijk troepen leveren.

De Poolse minister Cimoszewicz van Buitenlandse Zaken zei zaterdag dat de opbouw van de macht eind mei gereed is. “Het idee is om alle landen er eind deze maand te hebben, klaar om aan de slag te gaan”, aldus Cimoszewicz in Griekenland op een informele bijeenkomst van EU-ministers van Buitenlandse Zaken. De Poolse Defensieminister Jerzy Szmajdzinski zei dat Polen nog deze maand definitief besluit over zijn bijdrage aan de stabilisatiemacht, maar dat het land wel 10.000 soldaten wil sturen. Die deelname hangt af van de financiële steun voor de missie. Szmajdzinski liet doorschemeren dat op te gaan nemen met zijn Amerikaanse collega Rumsfeld.

Volgens de Britse minister van Buitenlandse Zaken Jack Straw, ook in Griekenland, is er nog geen definitief besluit gevallen over het plan. De landen die betrokken zijn bij de stabilisatiemacht komen vermoedelijk op 8 of 9 mei in Londen weer bij elkaar. Dat bevestigde zaterdag de Portugese minister van Buitenlandse Zaken Antonio Martins da Cruz. Griekenland heeft volgens de bewindsman nog geen besluit genomen over deelname aan de internationale macht.

Zestien landen (de VS, Groot-Brittannië, tien NAVO-landen en vier niet-NAVO-landen) hebben woensdag in Londen al over de stabilisatiemacht gepraat. Frankrijk, Rusland en Duitsland, die tegen een oorlog in Irak waren, vergaderden toen niet mee.

Duitsland zei zaterdag wel te zijn geïnformeerd over de plannen. Frankrijk was er ook van op de hoogte, aldus minister Dominique de Villepin van Buitenlandse Zaken zaterdag op de informele EU-bijeenkomst in Griekenland. Hij beloofde dat Frankrijk vasthoudt aan een spoedige VN-rol bij de wederopbouw van Irak.

Minister De Hoop Scheffer van Buitenlandse Zaken verklaarde eind maart in Washington nog dat Nederland positief staat tegenover deelname aan een internationale veiligheidsmacht in Irak. Een VN-resolutie is “zeer wenselijk, maar niet absoluut noodzakelijk” voor een besluit over het sturen van Nederlandse militairen, aldus de bewindsman enkele dagen voordat hij naar de VS vertrok. De EU-ministers, bijeen in Griekenland, zien bij voorkeur een VN-mandaat voor de toekomst van Irak.

De coalitiemacht heeft zaterdag een hoge Iraakse ambtenaar verantwoordelijk gemaakt voor de oliezaken van het land. Thamir Ghadhban krijgt tijdelijk de leiding over de oliesector, waarvan de opbrengsten de wederopbouw van het land mede moeten financieren. Dat heeft het Pentagon meegedeeld.