DEN HAAG - Minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) vindt dat agenten in hun vrije tijd geen softdrugs moeten gebruiken. Het drugsgebruik kan de uitstraling en het gezag van politieagenten schaden, aldus de minister.

Zij dringt bij de korpsbeheerders aan op een eenduidige richtlijn, die agenten verbiedt softdrugs te gebruiken in hun vrije tijd. Dat heeft Ter Horst geschreven in antwoord op vragen van PVV-Tweede Kamerlid Hero Brinkman, die donderdag gepubliceerd zijn.

Richtlijnen

Korpsbeheerders stellen zelf de richtlijnen op voor (soft)drugsgebruik door hun agenten in diensttijd en hun vrije tijd. Het korps Amsterdam-Amstelland heeft recent vastgelegd dat agenten niet mogen blowen in hun vrije tijd, omdat zij ook buiten diensttijd een voorbeeldfunctie hebben.

Ook andere korpsen hanteren regels voor softdrugsgebruik. Overtreders kunnen disciplinair worden gestraft.

Uitstraling

De minister wil nu dat alle korpsbeheerders de lijn volgen dat softdrugsgebruik door agenten helemaal wordt verboden om de uitstraling en het gezag van de politie te behouden.

Ouderwets

De minister hanteert een ouderwets standpunt, vindt voorzitter Hans van Duijn van de vakbond NPB. Van Duijn vindt dat geen verschil gemaakt moet worden tussen politiemensen en 'gewone' mensen.

"Politiemensen die softdrugs gebruiken, doen dat niet openlijk, maar in huiselijke kring."

ACP

De vakbond ACP denkt er iets anders over. "We onderschrijven wel het uitgangspunt dat je het als politiemedewerker niet moet willen om softdrugs te gebruiken, maar een verbod gaat te ver", zegt voorzitter Gerrit van de Kamp.

Hij vindt dat medewerkers van de politie wel een voorbeeldfunctie hebben, maar als sprake is van gebruik van softdrugs, moet per situatie bekeken worden wat er moet gebeuren.