DEN HAAG - De Verenigde Staten en Engeland geven sinds 2006 training en uitrusting aan paramilitairen in Pakistaanse tribale gebieden aan de grens met Afghanistan.

Het gaat om het zogenoemde Frontier Corps dat wordt aangestuurd door het Pakistaanse ministerie van Defensie. Nederland heeft daar geen problemen mee.

Verhagen

Volgens de ministers Maxime Verhagen (Buitenlandse Zaken) en Bert Koenders (Ontwikkelingssamenwerking) bevordert dit zogenoemde Frontier Corps de veiligheid en economische en sociale ontwikkeling in het grensgebied. Dat schrijven zij vrijdag in een reactie op vragen van de PvdA.

Opheldering

Tweede Kamerlid Martijn van Dam had hier opheldering over gevraagd. Het leek hem niet verstandig om stammen in het grensgebied te bewapenen.Maar volgens Verhagen en Koenders worden de paramilitairen niet bewapend.

De nadruk in dit vijf jaar durende project, waar 360 miljoen dollar mee gemoeid is, ligt op het verbeteren van de persoonlijke uitrusting, communicatiemiddelen en voertuigen, schrijven zij.

Verantwoordelijkheid

Volgens de ministers is de veiligheid in genoemde grensgebieden van oudsher een gedeelde verantwoordelijkheid van de Pakistaanse overheid en lokale stammengemeenschappen.

Het hogere kader van dit Frontier Corps bestaat uit gewone officieren van het Pakistaanse leger.

Essentieel

Het is volgens hen essentieel om in de grensgebieden aansluiting te vinden bij traditionele veiligheidsconcepten.

Zij denken dat een beter uitgerust en getraind Frontier Corps de veiligheid en de economische en sociale ontwikkeling van het gebied bevordert.