DEN HAAG - Minister Camiel Eurlings (Verkeer) is verontrust over de stijging van het aantal treinen dat vorig jaar door een rood sein is gereden.

Hij juicht het daarom toe dat de spoorbranche maatregelen neemt om het rijden door rood terug te dringen, zo blijkt dinsdag uit een brief aan de Tweede Kamer.

Het gaat dan onder meer om een betere samenhang in de opleiding van machinisten. Ook houdt Eurlings het aanpassen van seinen en treinen in de gaten zodat in 2009 het aantal passages van een rood sein gehalveerd is in vergelijking met 2003.

Uit het jaarlijkse rapport van de Inspectie Verkeer en Waterstaat blijkt dat er vorig jaar 287 treinen door rood reden, tegenover 248 in 2005. Uit de cijfers blijkt dat het steeds vaker voorkomt dat machinisten niet of niet juist waarnemen of een sein op rood staat. Daarentegen is een machinist die afgeleid is, steeds minder de oorzaak.

Ongeval

Als machinisten door rood rijden, leidt dat in verreweg de meeste gevallen niet tot een ongeval. Incidenten met gewonden en zware materiële schade zijn zeldzaam, maar als het gebeurt ontstaat vaak wel langdurige vertraging voor het treinverkeer. De laatste keer dat een treinreiziger het leven liet door een ongeval dat werd veroorzaakt door een rood seinpassage, was in 1988.

Spoorbeheerder ProRail wil in ieder geval eind volgend jaar duizend risicovolle plekken hebben aangepakt door ze te voorzien van het ATB++ systeem. In 2018 moet het nog betere beveiligingssysteem ERTMS zijn geïnstalleerd op de 6500 kilometer spoor die Nederland telt.