DEN HAAG - De regionale politiekorpsen hebben vorig jaar tweehonderd kinderpornozaken laten liggen. Dat is een kwart van het totale aantal dossiers dat het Korps landelijke politiediensten (KLPD) in 2006 aan hen heeft overgedragen van mensen die mogelijk betrokken zijn bij kinderpornografie.

Het is nog niet duidelijk hoe het komt dat zoveel zaken op de plank zijn blijven liggen en hoe ernstig deze zijn.

Minister Ernst Hirsch Ballin (Justitie), die de cijfers woensdag voor het eerst aan de Tweede Kamer gaf, zal de kwestie bespreken met de top van het Openbaar Ministerie (OM).

Prioriteiten

Het college van procureurs-generaal moet de zaak vervolgens aankaarten in het landelijk zedenoverleg, zodat het OM met de politiekorpsen kan bekijken of de juiste prioriteiten worden gesteld.

Afhankelijk daarvan bepaalt de minister of er maatregelen nodig zijn.

Onderzoeken

Het KLPD droeg vorig jaar 713 Nederlandse dossiers over kinderporno over aan de regiokorpsen en de marechaussee, die zelf ook nog eens 462 andere onderzoeken in dat kader hebben gedaan. Van de dossiers die door het KLPD zijn aangedragen, zijn er tweehonderd niet opgepakt.

De minister kan vooralsnog alleen maar gissen naar de redenen daarvoor. Zo kan het zijn dat er verkeerde prioriteiten zijn gesteld, er concurrentie was van andere zedenzaken of er te weinig digitale bijstand was.

Verbeteren

Het KLPD en de Raad van Hoofdcommissarissen zijn bezig met een inventarisatie om de politie-inzet op het gebied van kinderporno te verbeteren.

Hirsch Ballin heeft gezegd dat dat ook nodig is. Hij wees er verder op dat het moeizaam was om de cijfers te achterhalen.

Niet alle korpsen hebben alle vragen daarover beantwoord. Minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) is daar volgens haar collega niet tevreden mee.

Netwerken

Hirsch Ballin benadrukte dat de politie prioriteit moet geven aan de bestrijding van pedofiele netwerken waarin kinderpornografisch materiaal circuleert.

Ook de aanpak van sekstoerisme moet volgens hem hoog op de agenda staan. Het KLPD heeft naast de Nederlandse dossiers ook nog eens 3300 zaken doorgegeven aan buitenlandse collegadiensten.