Tweede Kamer wil af van burgemeestersreferendum

DEN HAAG - Een meerderheid in de Tweede Kamer wil af van het burgemeestersreferendum. De fracties van CDA, PvdA en VVD vinden dat het mislukte referendum in Utrecht laat zien dat dit geen goede methode is om een burgemeester te kiezen.

"Een referendum suggereert ten onrechte dat mensen de baas van de stad kunnen kiezen. Dat is een burgemeester niet en dus kunnen kandidaten weinig beloftes doen aan de kiezers", aldus Jan Schinkelshoek van het CDA donderdag.

Zijn PvdA-collega Pierre Heijnen denkt daar hetzelfde over. Volgens hem begrijpen veel kiezers ook niet dat een burgemeestersreferendum geen politieke strijd is, maar uitsluitend gaat over de vraag welke kandidaat het meest geschikt is.

Kritiek op het referendum is daarnaast dat geschikte kandidaten zich niet aanmelden omdat ze geen trek hebben om "op de zeepkist te gaan staan". "Daarmee doe je je als gemeente toch tekort", meent Schinkelshoek. Zijn partij en de VVD hebben eerder al geopperd het burgemeestersreferendum af te schaffen.

Mislukking

Het burgemeestersreferendum in Utrecht is woensdag uitgelopen op een mislukking. Slechts 9,4 procent van de stemgerechtigde Utrechters maakte de gang naar de stembus. Omdat de opkomst onder de 30 procent lag, is de volksraadpleging ongeldig verklaard. De Utrechters konden kiezen uit de PvdA'ers Aleid Wolfsen en Ralph Pans. Die keuze moet nu worden gemaakt door de gemeenteraad.

Minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) wil volgens haar woordvoerder alle burgemeestersreferenda laten evalueren. Als daaruit blijkt dat die niet werken, moet de wet worden aangepast om een einde te maken aan de burgemeestersreferenda.

Tip de redactie