CENTRAAL IRAK - De Amerikaanse bevelhebbers hebben een pauze van vier tot zes dagen aangekondigd in de opmars vanuit het zuiden van Irak naar Bagdad. De militairen voeren als reden de gebrekkige voorraden en het felle Iraakse verzet aan.

De zogeheten 'operationele pauze', waartoe vrijdag bevel is gegeven, betekent dat de opmars stilstaat en de militairen de kans krijgen een oplossing te vinden voor de lange aanvoerlijnen vanuit Koeweit.

Bombardementen

De invasiemacht blijft wel Iraakse troepen aanvallen met zware bombardementen, waarmee de weg moet worden gebaand voor een eventuele aanval van Bagdad, verklaarden de anonieme militaire woordvoerders tegen het persbureau Reuters.

Één maaltijd per dag

De Amerikaanse fronttroepen kampen met tekorten als gevolg van logistieke problemen. Het gebruik van brandstof slurpende voertuigen is aan banden gelegd om brandstof te sparen. Voedsel is eveneens schaars. In één van de infanterie-eenheden in de frontlinie zijn de voedselrantsoenen teruggebracht van drie naar één maaltijdpakket per dag.

Sommige eenheden zijn tot 80 kilometer ten zuiden van Bagdad opgerukt, andere zijn nog 500 kilometer van de Iraakse hoofdstad verwijderd. Vrijdag zinspeelde Mike Jackson, bevelhebber van de Britse landmacht, al op een tijdelijke pauze in de opmars, al wuifde hij de suggestie dat de Brits-Amerikaanse operatie in Irak in problemen verkeerde, van de hand. "Legers kunnen niet steeds oprukken zonder van tijd tot tijd te stoppen om zich te hergroeperen en zich ervan te vergewissen dat de voorraden op peil zijn", zei Jackson in Londen.

'Volgende fase'

De belangrijkste woordvoerder van de Britse strijdkrachten, Al Lockwood, wilde zaterdag niet van een pauze spreken. "Ik zou het niet per definitie een pauze noemen. Het gaat er eenvoudig om de gevechtsruimte en het slagveld aan te passen en de militairen van alles te voorzien dat zij voor de volgende fase in de campagne nodig hebben", aldus Lockwood. Hij onderstreepte dat de oorlog nog steeds volgens plan verloopt.

In Washington zei een ambtenaar van het ministerie van Defensie, dat er geen sprake van is dat 'wij nu vier tot zes dagen met de handen over elkaar gaan zitten'.