DEN HAAG - De vele overtredingen van de Arbeidstijdenwet bij de politie komen vooral voort uit een gebrekkige leiding binnen de korpsen. De wet zelf biedt de politie voldoende ruimte, ook voor een juiste inzet van bijvoorbeeld arrestatie- en observatieteams.

Dat concludeert de Inspectie Openbare Orde en Veiligheid. Minister Guusje ter Horst (Binnenlandse Zaken) onderschrijft de conclusies, die ze maandag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Onderzoek

Uit onderzoek blijkt dat politiekorpsen vorig jaar ruim 600.000 keer de Arbeidstijdenwet hebben overtreden. De belangrijkste oorzaak hiervan is het onderling ruilen van diensten, constateert de inspectie. Het gaat dan zowel om wisselingen in het belang van de werkgever als vanwege eigenbelang.

De politieleiding heeft deze overtredingen tot nu toe onvoldoende aangepakt, vindt de inspectie. Het ontbreekt de leidinggevenden aan overzicht en inzicht in de problemen. Daardoor verzuimen ze ook een plan van aanpak op te stellen.

Ter Horst

Minister Ter Horst meldt dat ze het aantal overtredingen van de wet nauwlettend in de gaten zal houden. Ze heeft met de politiekorpsen afgesproken dat de meldingen dit jaar met 40 procent moeten afnemen ten opzichte van 2006. De minister overweegt maatregelen te nemen als de politie die afspraak niet nakomt.

Vooral de speciale diensten hebben moeite met de naleving van de Arbeidstijdenwet. Het gaat om bijvoorbeeld arrestatieteams, mobiele eenheid en opsporingsonderdelen. Die overtreden in grote aantallen de regels voor dagelijks rust- en arbeidstijden.