RIJSWIJK - De aanvoerlijnen zijn lang en nog steeds onveilig maar de Amerikaanse en Britse troepen maken zich op voor een aanval op de hoofdstad van Irak. Dinsdag streden ze ten zuiden van Bagdad al met de geüniformeerde verdedigers, de Medina-divisie van de Iraakse Republikeinse Garde.

De aanvallers zijn vooralsnog in de minderheid met naar schatting 60.000 man, gesteund door vierhonderd tanks en pantserwagens en door gevechtshelikopters. Ze moeten doen wat bombardementen op donderdag niet bleken te kunnen, de leiding van land en leger snel uitschakelen in de hoop dat het verzet dan overal ineenstort.

Bagdad

Bagdad telt vijf tot zes miljoen inwoners en is het centrum van de macht en haar loyaalste strijdkrachten. De aanvallers hebben de zone die de elitetroepen van president Saddam Hussein verdedigen "de Rode Zone" gedoopt, de kleur van bloed. Na zes dagen van zware bombardementen en strijd wijst niets erop dat de Iraakse leiding met gifpillen in bunkers het einde afwacht. Ze zijn daarentegen druk bezig met de verdediging van de hoofdstad en communiceren driftig met onder meer hun satelliettelefoons van 5000 euro per stuk.

Beslissende slag

Bagdad is de plaats die Saddam Hussein heeft uitgekozen voor zijn beslissende slag. Hij rekent erop dat de geallieerden voorbereid noch uitgerust zijn voor een Stalingrad aan de Tigris. De Republikeinse Garde, geleid door Saddams zoon Qussay, en de beruchte militie Fedayeen Saddam (Saddams strijders) zijn klaar voor de strijd.

Strijders

Saddams strijders, waarschijnlijk bestaande uit 5000 wezen en vrijgelaten misdadigers, staan onder bevel van Saddams oudste zoon Uday, 'al-Ustaz' , de professor. De Fedayeen vormen een knokploeg die het leven in Bagdad controleert. Ze jagen op Irakezen die de bevelen niet opvolgen of bekend staan als onbetrouwbaar.

Mogelijk keren zij en de duizenden bewapende leden van verschillende geheime diensten en militaire inlichtingendiensten zich ook tegen burgers die de stad willen ontvluchten en soldaten die de wapens neerleggen. Zo is bijvoorbeeld de geheime politie van Binnenlandse Zaken (Amm al-Askariya) naar schatting 8000 man sterk en over vrijwel heel Bagdad verspreid.

Geheim agenten

De speciale eenheden zijn 'strategisch onder de bevolking van de stad verdeeld'. Ze dragen meestal geen uniform. En dan is er nog de elite van de elite, de Speciale Republikeinse Garde van cira 10.000 man. Die is in stadsguerrilla gespecialiseerd.

De Amerikaans-Britse coalitie belaagt Bagdad in de veronderstelling dat de meeste verdedigers het verzet spoedig opgeven zodra de leiding uiteenvalt. Maar de strijd verloopt tot dusverre niet volgens het plan van de coalitie. Hun opmars is al danig verstoord door groepjes verbeten tegenstand biedende Irakezen in het zuiden en opstekende zandstormen. Juichende Irakezen die zich bevrijd wanen en dankbaar 'Happy Days' aanheffen, zijn nog nergens te zien.

De VS en Groot-Brittannië spreken ook over de 'beslissende slag' om Bagdad. De stellingen van de zeker 110.000 man tellende Republikeinse Garde, worden zwaar bestookt vanuit de lucht. Maar zodra de garde dekking zoekt in stadswijken, komt de aanvaller voor een dilemma te staan. De overmacht in de lucht telt dan minder en de Irakezen zouden mogelijk met ouderwetse straatgevechten huis-aan- huis moeten worden 'bevrijd'.