BELGRADO - Drie mannen hebben woensdagmiddag premier Zoran Djindjic van Servië vermoord. Zij schoten met een precisiewapen op de Servische leider, toen hij bij het regeringsgebouw uit zijn gepantserde auto stapte. Dat heeft het hoofd van de politie van Belgrado, Milan Obradovic, donderdag gezegd.

Obradovic maakte bekend dat de Servische politie inmiddels ongeveer veertig personen heeft aangehouden die direct of indirect behoren tot de criminele clan die Djindjic zou hebben vermoord. De belangrijkste verdachten zijn nog op vrije voeten.

'Operatie Wervelwind'

De Servische regering maakte vlak na de aanslag al een lijst met verdachten bekend. Ze behoren allemaal tot de criminele Zenum-clan, die geleid wordt door Milorad Lukovic, alias Legija, het voormalige hoofd van een speciale politie-eenheid. Hij geldt als hoofdverdachte van de moord. De Servische krant Daily Nacional meldde donderdag op de voorpagina dat de regering 'operatie Wervelwind' is begonnen om zo snel mogelijk de overige verdachten op te pakken.

De premier, die vijftig jaar is geworden, wordt zaterdag op de belangrijkste begraafplaats van Belgrado begraven. Kort daarvoor leidt patriarch Pavle van de Servisch-Orthodoxe Kerk een dienst voor zijn nagedachtenis. Vice-premier Nebojsa Covic is donderdag tot hoofd van een interim-regering benoemd. Djindjic' Democratische Partij kist zondag een definitieve opvolger voor de vermoorde premier.

Afgrijselijk

President Theodor Meron van het Joegoslavië-Tribunaal uitte zijn ontzetting over de aanslag. Hij noemde de "afgrijselijke moord op Djindjic een klap voor de plicht rekenschap af te leggen voor het overtreden van het internationaal humanitair recht" en voor het recht in het algemeen. Meron meent dat Djindjic's samenwerking met het tribunaal de internationale gerechtigheid op de Balkan heeft bevorderd.

De Hoge Vertegenwoordiger van de internationale gemeenschap in Bosnië, Paddy Ashdown, zei in een reactie dat de moord op Djindjic ertoe kan leiden dat de staten op de Balkan de strijd tegen de georganiseerde misdaad gaan opvoeren. Hij riep op tot meer samenwerking tussen de landen. "De georganiseerde misdaad moet worden bestreden met vastberadenheid en moed, de moed die Zoran Djindjic toonde. Alle landen in de regio moeten als één man onderling en met de internationale gemeenschap samenwerken tegen degenen die onze regio naar zijn zwarte verleden willen laten terugkeren," zei Ashdown.

Medeleven

Nederlanders die hun medeleven met Servië willen betuigen, kunnen zich melden bij de ambassade van Servië en Montenegro in Den Haag. Daar werd donderdag een condoleanceregister geopend. Na de moord op de premier is de ambassade via de telefoon, e-mail en fax met blijken van medeleven overspoeld.