UTRECHT - Het Leidsche Rijn College in Utrecht mocht het stagecontract met een islamitische student verbreken, omdat de jongen te actief zijn geloof uitdroeg. Dat is het oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) maandag.

Volgens de CGB maakt de school geen verboden onderscheid op grond van godsdienst.

De student diende in juli bij de CGB een klacht in tegen de school, omdat het college zijn stagecontract beëindigde. De jongen liep stage als onderwijsassistent op het openbare Leidsche Rijn College en was tevens als invalimam actief bij een moskee.

De school stelde dat hij afspraken over het slechts beperkt uitdragen van zijn geloof niet nakwam.

Geloof

De middelbare school had voorafgaand aan de stage een gesprek met jongen over het openbare karakter van de school en hem verzocht met terughoudendheid te spreken over zijn geloof.

Klachten

De middelbare school kreeg ongeveer tien klachten over de jongen. Zo zou de stagiair folders hebben uitgedeeld over een serie moskeelezingen en verteld hebben wat de juiste versie van de islam is.

De school heeft hem daarop aangesproken. Aangezien geen verbetering optrad, beëindigde de school na enkele maanden de stagebetrekking met de man.