DOHA - Kort na de opening van de topconferentie van de Organisatie van de Islamitische Conferentie (OIC) vlogen de beledigingen over tafel. De tweede man van het bewind in Irak, Ezzat Ibrahim, noemde de Koeweitse onderminister van Buitenlandse Zaken woensdag een 'bediende' en een 'aap'.

Dat gebeurde nadat de Koeweitse onderminister Sjeik Mohammed Sabah al-Sabah was opgestaan om Ezzat Ibrahim te onderbreken, toen die de Koeweitse leiders ervan beschuldigde 'met het zionisme tegen Irak samen te zweren'. Dat was weer een reactie op de oproep van al-Sabah aan de Iraakse leiding om af te treden om zo een oorlog te voorkomen.

Uiteindelijk slaagde de voorzitter van de conferentie, de emir van Qatar, erin een einde te maken aan de schreeuwpartij. Ezzat zei verder dat Irak de Verenigde Staten een 'onvergetelijke les' zullen leren als dat land Irak aanvalt.

Aan de top in Doha doen 55 van 57 leden van de OIC mee. De bijeenkomst is geheel gewijd aan de crisis rond Irak. De emir van Qatar zei in zijn openingstoespraak dat de islamitische landen niet de macht hebben om over Irak te beslissen, maar dat zij wel gewicht in de schaal kunnen leggen als het gaat om een vreedzame oplossing.