VOORBURG - Niet-westerse allochtone leerlingen blijven in de eerste jaren van het voortgezet onderwijs gemiddeld vaker zitten dan autochtone leerlingen. Als zij echter in het beroepsgerichte vmbo zijn begonnen, doubleren zij minder vaak dan autochtone scholieren.

Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag heeft verstrekt.

Het CBS is nagegaan hoe leerlingen die in het schooljaar 2003/2004 in de brugklas zaten, het in de eerste drie jaar van het voortgezet onderwijs deden. De meeste leerlingen zaten na drie jaar nog in een schoolsoort die bij de brugklas aansluit.

Negen van de tien brugklassers uit het algemeen vormend onderwijs (theoretische en gemengde leerweg van het vmbo, havo, vwo) volgden twee jaar later nog steeds onderwijs in die richting. Driekwart van de brugklassers uit het beroepsgerichte vmbo zat daar twee jaar later ook nog.

Overstap

Zeven procent van de brugklassers uit het avo was naar het beroepsgerichte vmbo overgestapt. Van de brugklassers uit het beroepsgerichte vmbo had een op de tien de overstap naar het avo kunnen maken.

Autochtone leerlingen gaan vaker over van het beroepsgerichte vmbo naar het avo en allochtone leerlingen kunnen vaker het avo niet aan en stappen over naar het beroepsgerichte vmbo. Bij de niet-westerse allochtone leerlingen doen meisjes het beter dan jongens.