SAMARRA - In de Iraakse stad Samarra zijn woensdagmorgen de minaretten van de al-Askari moskee ingestort door twee explosies. Een aanslag vorig jaar februari vormde de aanzet tot een golf van geweld tussen soennieten en sjiieten.

Religieuze leiders van de sjiieten hebben opgeroepen tot kalmte. De belangrijkste religieuze voorman van de sjiieten in Irak, groot-ayatollah Ali Sistani, riep bij monde van een zegsman zijn volgelingen op tot rust en geen wraak te nemen op soennieten.

Vermoorden

Ook Muqtada al-Sadr, de leider van een van de machtigste sjiitische milities (Mahdi Leger), drong in een verklaring aan op terughoudendheid. Na de eerste aanslag vorig jaar op de moskee in Samarra begon het Mahdi Leger op grote schaal soennieten te vermoorden.

Een hooggeplaatste Iraakse regeringsfunctionaris noemde de aanslag "zeer slecht nieuws voor Irak". Een zegsman van het Amerikaanse leger liet weten bezorgd te zijn. Zowel in Bagdad als in Samarra is een uitgaansverbod afgekondigd uit angst voor bloedvergieten.

Conflict

De minaretten van de moskee zijn volledig vernietigd. Het hoofd van de religieuze stichtingen van de sjiitsche gemeenschap, sjeik Saleh al-Haidari, omschreef de aanslag als "een criminele daad gericht op het creëren van een sektarisch conflict".

Volgens sjiitische regeringsfunctionarissen zit de soennitische beweging al-Qaeda achter de actie. Omwonenden meldden dat kort voor de explosies rond 09.00 uur plaatselijke tijd in de buurt van de moskee werd gevochten tussen gewapende mannen en de politie.

De al-Askari Moskee is een van de vier belangrijkste heiligdommen van sjiieten in Irak. Samarra is een overwegend soennitische stad even ten noorden van de hoofdstad Bagdad. De tiende en elfde imam van de sjiieten liggen begraven in het moskeecomplex.