DEN HAAG - Het ministerie van Onderwijs moet zijn werk overdoen. Het onderzoek naar de veronderstelde fraude bij de hogescholen heeft de onderste steen niet boven gebracht. Daarom kan de Algemene Rekenkamer niet aangeven hoeveel de hogescholen en andere onderwijsinstellingen ten onrechte hebben ontvangen.

"Het zelfreinigend onderzoek is nog niet af", stelt de Rekenkamer in het woensdag veschenen rapport. De informatie die de instellingen bood daarvoor onvoldende houvast.

60 miljoen

Volgens een eigen schatting van het ministerie hebben instellingen 60 miljoen euro teveel ontvangen. Maar de Rekenkamer voorziet een hoger bedrag als het onderzoek wordt voortgezet. De college oordeelt hard over het gebrek aan toezicht van het ministerie. De plannen ter verbetering op dit vlak hebben geen effect gehad, maakt het onderzoek duidelijk.

Op signalen van misbruik en oneigenlijk gebruik van subsidiegeld werd in de onderzochte periode (1996 - 2001) niet adequaat gereageerd, stelt het rapport. De Rekenkamer constateert dat het ministerie goede plannen maakt, maar slecht is in risicoanalyse en uitvoering.

Inschrijvingen

Toenmalig onderwijsminister Hermans vroeg vorig jaar het Openbaar Ministerie te onderzoeken of er strafbare feiten waren gepleegd bij de inschrijving van studenten. Door inschrijving van studenten die niet of nauwelijks onderwijs genoten, zouden instellingen ten onrechte miljoenen euro aan subsidie hebben ontvangen.

Ook vroeg hij de hogescholen, universiteiten en instellingen voor middelbaar beroepsonderwijs op te biechten welke fouten zij hadden begaan. De Rekenkamer laat weinig heel van dit zelfreinigend onderzoek. Het Openbaar Ministerie besloot vorige week de zaak tegen vijf hogescholen te seponeren. Slechts in een geval, Saxion Hogescholen IJsselland, zal het OM wegens valsheid in geschrifte tot vervolging overgaan.