AMSTERDAM - De mensenrechtenschendingen in Wit-Rusland nemen toe en de regering lijkt zich niets aan te trekken van de internationale druk. Dat heeft de Roemeense parlementariër en onafhankelijke deskundige Adrian Severin dinsdag gezegd tegen de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties.

Zijn herhaalde pogingen om een dialoog aan te gaan met de regering liepen op niets uit, zei hij. In 2006 mocht hij voor het derde achtereenvolgende jaar niet het land in.

Geweld

De Wit-Russische regering maakt zich schuldig aan marteling, legt de media zware beperkingen op en zet politieke tegenstanders gevangen, zei Severin. De politie gebruikt volgens hem excessief geweld.

Zonder dat ze toegang tot een advocaat hadden stonden meer dan 150 personen terecht in verband met de presidentsverkiezingen van vorig jaar. De autoritaire president Aleksandr Loekasjenko won toen een nieuwe termijn, maar de verkiezingen worden algemeen als frauduleus beschouwd.

Onderzoek

Het politieke systeem van Wit-Rusland is onverenigbaar met het hooghouden van de mensenrechten zoals vastgelegd in het handvest van de VN, zei Severin. Hij riep de VN op een onderzoek in te stellen naar de verdwijningen van en moorden op verschillende politici en journalisten, om vast te stellen of de regering hiervoor verantwoordelijk was. Wit-Rusland en zijn bondgenoot Rusland verwierpen de opmerkingen van Severin als bevooroordeeld.