BRUSSEL - Het wordt makkelijker voor de lidstaten van de Europese Unie om persoonsgegevens (zoals naam, DNA en vingerafdruk) van burgers met elkaar uit te wisselen. Het Europees Parlement heeft hierover donderdag positief gestemd. De ministers van Justitie bekrachtigen dit besluit volgende week formeel.

De beslissing is gebaseerd op het verdrag van Prüm dat al bestond tussen zeven Europese landen, waaronder Nederland. Het uitwisselingssysteem moet begin 2009 in werking treden. Om de privacy van burgers te beschermen worden de gegevens van verdachten gecodeerd. Politie in de ene lidstaat kan zo kijken of de vingerafdruk van een verdachte in het bestand van een andere lidstaat zit.

Het Prümverdrag werd op 27 mei 2005 ondertekend door Nederland, België, Duitsland, Spanje, Frankrijk, Oostenrijk en Luxemburg. Het had als doel persoonsinformatie eenvoudig onderling uit te wisselen om terrorisme, grensoverschrijdende criminaliteit en illegale immigratie tegen te gaan. Onder die gegevens vallen informatie uit DNA-databanken, kentekenregisters en bestanden met vingerafdrukken.

Voorwaarde

Al snel had ook Europa interesse om zich bij het verdrag aan te sluiten. Het Europees Parlement stelde wel als voorwaarde dat de informatie niet aan derden, zoals landen buiten de EU of internationale organisaties, mocht worden gegeven.

Bescherming

Europarlementariër Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) is tevreden met de vlotte aanpak van internationale criminaliteit, maar waarschuwt voor teveel voortvarendheid: "Een efficiënt beschermingskader voor de burger is er nog niet. In principe kunnen onschuldige burgers ook slachtoffer worden van de uitwisseling van gegevens. Er moet nu wel verder nagedacht worden over hoe we dat in de toekomst gaan voorkomen."