AMSTERDAM - Bijna één op de vijf kinderen kleuters in achterstandswijken heeft grote problemen met de Nederlandse taal. Ze zijn niet of nauwelijks aanspreekbaar, spreken in zinnen van maximaal twee woorden en begrijpen geen gecombineerde opdracht, zoals 'kom binnen en trek je jas uit'.

Dat blijkt uit onderzoek van onderwijsadviesbureau KPC Groep onder 42 basisscholen in probleemwijken in de vier grote steden.

De betrokken kinderen, leerlingen in groep één en twee van het basisonderwijs, hebben doorgaans geen voorschools onderwijs gevolgd. Ook blijkt dat thuis nauwelijks of geen Nederlands met de kinderen wordt gesproken.

Afkomst

Het merendeel van de kinderen met taalachterstand is in Nederland geboren en van Marokkaanse of Turkse afkomst.

Achttien procent van de leerlingen begrijpt geen gecombineerde opdrachten. Veertien procent van de kleuters spreekt in zinnen van maximaal twee woorden en zit daarmee op het niveau van een 2-jarige.

Het onderzoek toont aan dat de achterstand zich niet beperkt tot taal.

Ontwikkeling

Ook andere onderdelen van de ontwikkeling blijven achter. Zo hebben ze moeite verschillende situaties in het dagelijks leven te herkennen, blijven ze achter op sociaal-emotioneel vlak en motorische ontwikkeling.

Daarnaast hebben ze een beperkte woordenschat en moeite verbanden te leggen tussen oorzaak en gevolg.