DEN HAAG - Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken werkt hard aan de voorbereiding van eventuele evacuaties van onderdanen uit landen in het Midden-Oosten in geval van een oorlog tegen Irak.

Nederlanders die bij de verschillende ambassades bekend zijn, hebben al een brief gehad of zijn gebeld. Het departement roept Nederlanders die zich nog niet bij hun ambassade hebben gemeld, op dat alsnog te doen.

Volgens een woordvoerder van het ministerie is niet precies bekend om hoeveel Nederlanders het gaat, maar de schattingen lopen in de duizenden. De grootste concentratie Nederlanders bevindt zich in Israël. In Irak zelf bevonden zich bij de laatste telling ongeveer veertien Nederlanders. Zij hebben het advies gekregen het land te verlaten, maar het is niet bekend of zij aan deze oproep gevolg hebben gegeven.

Geen vertrekadvies

Voor de andere landen in het Midden-Oosten heeft Buitenlandse Zaken nog geen vertrekadvies gegeven. Wel zijn de Nederlanders gevraagd waakzaam te zijn en bij zichzelf na te gaan of het misschien verstandig is al voortijdig het land (tijdelijk) te verlaten.

Pogingen van Nederland de evacuatie af te stemmen met andere EU-lidstaten verlopen tot nu toe moeizaam. Volgens staatssecretaris Nicolaï van Europese Zaken is het lastig om tot afstemming te komen omdat ieder land zelf zijn eigen stappen wil bepalen.

De Nederlandse evacuatieplannen tellen vier fases, waarvan nu fase één is ingegaan. Het ministerie kan nog niet zeggen wat de fases precies inhouden omdat de situatie voor elk land weer verschillend is. Het is een complexe aangelegenheid omdat er veel verschillende scenario's denkbaar zijn, die nog niet allemaal zijn doorgeëxerceerd, aldus een woordvoerder.

Cruciaal is bijvoorbeeld de vraag of er nog vliegverbindingen mogelijk zijn als de vlam in de pan slaat. Daarnaast is een belangrijke vraag in hoeverre er militaire bescherming voor de evacuaties noodzakelijk is.