Kamer maakt zich zorgen over zelfzorggeneesmiddelen

DEN HAAG - De Tweede Kamer vreest nog steeds dat te veel soorten eenvoudige geneesmiddelen in de vrije verkoop kunnen komen.

Het onderscheid met middelen die alleen bij drogist of apotheek verkocht mogen worden is niet helder genoeg, vinden meerdere fracties.

Dat bleek donderdag tijdens overleg met minister Ab Klink (Volksgezondheid) waarin de zogeheten zelfzorggeneesmiddelen als pijnstillers, hoestdrankjes en middelen tegen insectenbeten aan de orde kwamen.

Te veel middelen in de vrije verkoop zou gezondheidsrisico's opleveren. Het CDA wil dat bij de drogist de eenvoudige geneesmiddelen alleen achter de toonbank verkocht worden.

Paracetamol

De Kamer besprak met Klink een regeling die zijn voorganger Hans Hoogervorst nog heeft opgesteld. Op grond van de criteria van de minister bepaalt het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) waar de eenvoudige medicijnen verkocht mogen worden.

De SP wil paracetamol en middelen tegen hooikoorts en reisziekte uit de vrije verkoop, de ChristenUnie vindt dat het CBG te veel ruimte krijgt.

Vijftig

Minister Klink vindt de criteria wel helder en wees erop dat de lijst met middelen voor de vrije verkoop zich beperkt tot vijftig middelen. Geen enkel medicijn is 100 procent veilig, betoogde hij, het is aan het CBG om te bekijken of de vrije verkoop van een middel geen al te grote risico's oplevert.

De zelfzorgmedicijnen hoeven wat betreft Klink niet achter de toonbank van de drogist om te zorgen dat een klant goed geïnformeerd wordt over het middel. De klant kan zelf wel bepalen of hij daar behoefte aan heeft, vond de minister.

Tip de redactie