Turkije zoekt uitweg uit politieke patstelling

ANKARA/BRUSSEL - Het Turkse parlement doet zondag een nieuwe poging een nieuwe president te kiezen. Dat heeft de volksvertegenwoordiging woensdag besloten. De stemronde wordt volgens waarnemers waarschijnlijk weer ongeldig omdat de oppositie de presidentsverkiezingen blijft boycotten.

Het Constitutionele Hof had dinsdag de eerste stemronde van vorige week ongeldig verklaard omdat toen geen quorum van twee derde van de 550 parlementariërs aanwezig was. De regerende Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling (AKP) heeft met 351 parlementariërs minder dan twee derde van de zetels; de oppositie probeert met haar boycot de verkiezing van de omstreden minister van Buitenlandse Zaken Abdullah Gül (AKP) tot staatshoofd te voorkomen.

Hoofddoek

Gül is voortgekomen uit de politieke islam; zijn vrouw draagt een hoofddoek. De seculiere bestuurlijke elite van Turkije, het leger en een groot deel van de bevolking vrezen dat een verkiezing van Gül het seculiere karakter van de staat Turkije in gevaar zou kunnen brengen.

Het leger dat zich ziet als hoeder van dat seculiere karakter, heeft al een verklaring uitgegeven die door velen wordt gelezen als dreiging met een staatsgreep. Het leger heeft de afgelopen decennia al vier keer geïntervenieerd in de Turkse politiek.

Tweederde

In de eerste twee stemrondes is een tweederde meerheid nodig om tot president te worden gekozen. In een derde ronde is een eenvoudige meerderheid voldoende zodat de AKP Gül tot president zou kunnen kiezen. Door de boycot van de oppositie kunnen bij gebrek aan een quorum echter niet eerst de twee eerste stemrondes worden gehouden.

Gül zei dat hij niet zal doorzetten als de nieuwe stemronde zondag weer mislukt. Dan komen er mogelijk vervroegde parlementsverkiezingen in juni zonder dat een nieuw staatshoofd is gekozen. De huidige president Ahmet Necdet Sezer, wiens ambtstermijn op 16 mei afloopt, blijft dan aan als interim-president totdat een nieuw staatshoofd is gekozen.

Eis

De AKP van Gül en premier Recep Tayyip Erdogan stelde woensdag 24 juni voor als datum voor vervroegde verkiezingen. Zij komt daarmee tegemoet aan een eis van de oppositie, het zakenleven en veel commentatoren.

Op advies van de kiesraad die heeft verklaard meer voorbereidingstijd nodig te hebben, wordt de gang naar de stembus echter niet eerder dan 22 juli gehouden, zo besloot de commissie constitutionele zaken van het parlement woensdag. Een plenaire zitting van de volksvertegenwoordiging moet die datum nog goedkeuren.

De AKP kreeg bij de vorige verkiezingen vijf jaar geleden met 34 procent van de stemmen een meerderheid in het parlement. Dat komt door de kiesdrempel van 10 procent, waardoor veel kleine partijen afvallen.

Hervormingen

De AKP stelde woensdag ook constitutionele hervormingen voor, zoals de rechtstreekse verkiezing van de president door het volk. Tevens richtte Erdogan zijn pijlen op het Constitutioneel Hof.

De premier noemde het vonnis van dinsdag "een kogel gericht tegen de democratie". Volgens hem hebben de rechters "hen die de meerderheid van het volk vertegenwoordigen, ondergeschikt gemaakt aan de wil van de minderheid".

Schending

Het hof reageerde hierop met een scherpe verklaring: Erdogans uitspraken zijn 'onverantwoordelijk' en een schending van de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

De Europese Commissie vroeg het Turkse leger woensdag om voortaan weg te blijven van de politiek: "De Europese Unie is gebaseerd op het principe dat politici boven militairen staan. Als een land lid wil worden van de EU, moet het aan dat principe voldoen".

Tip de redactie